Het gevaar voor 'late moeders'
Er zijn verschillende nadelen voor vrouwen die kinderen uitstellen tot na de uitbouw van hun carrière en/of de verwerving van een comfortabel leven met een huis, auto en de nodige reizen. Niet alleen duurt het langer om zwanger te worden (en zien ze soms de kinderwens volledig onmogelijk worden) en zijn er meer risico's op afwijkingen en complicaties, ook de moeders zelf lopen gevaar. Een Noors onderzoek toonde aan dat deze 'late moeders' meer kans lopen op een postnatale depressie, met een speciale rol voor de bevalling en borstvoeding.
"Vrouwen die alles op orde willen hebben voor ze aan kinderen beginnen, zijn vrouwen die zich 'overvoorbereiden'. Ze willen alles tot in de puntjes klaarhebben en controleren, en dat is de sleutel tot het probleem: eens het kind er is, kunnen ze het niet aan als niet alles gaat zoals gepland. Een baby kan je nu eenmaal niet controleren, in tegendeel: je moet net extreem flexibel zijn", legt onderzoekster Silje Marie Haga (Universiteit Oslo) uit.
Controlefreak
Ze interviewde 12 moeders en analyseerde bijkomend nog eens gegevens van 350 kersverse moeders. 16,5 procent (ongeveer 1 op 6) voelt zich depressief in de eerste zes maanden na de bevalling.
Er zijn bepaalde biologische factoren die een postnatale depressie bepalen (zoals het wegvallen van bepaalde hormonen), maar ook pyschologische factoren spelen een rol. Het gevoel van falen bij het niet halen van specifieke verwachtingen bijvoorbeeld, of het niet kunnen omgaan met onverwachte uitdagingen.
Moeders die een minder vastomlijnd doel voor ogen hebben, kunnen dan weer beter om met de onvoorspelbaarheid van baby's en het moederschap.
Verrassend risico: de bevalling en borstvoeding
Soms zorgt ook de bevalling zelf voor een gevoel van falen. Een onvoorziene keizersnede maakt dat vrouwen die vastbesloten waren om te bevallen zoals Moeder Natuur voorzien heeft, zich voelen alsof 'ze het niet kunnen'. "Ik kon niet eens zelf mijn baby op de wereld zetten, iemand anders moest het voor me doen. Dat was niet de bedoeling en ik was zo teleurgesteld en verdrietig", zo getuigde een vrouw.
Borstvoeding, of liever de moeilijkheden ermee, zijn nog een andere factor in het voorkomen van een postnatale depressie. De sociale druk, gewapend met de aanbevelingen van de Wereldgezondheidsorganisatie, maakt dat borstvoeding de meerdere is van flessenvoeding.
Als borstvoeden echter niet lukt, doordat de baby niet wil drinken, de moeder pijn lijdt of de melkproductie niet op gang komt, dan voelen deze moeders zich alsof ze gefaald hebben. Iets wat door de reacties van andere moeders en de 'borstvoedingsdictatuur' nog versterkt wordt.
Beter voorkomen dan genezen
Een postnatale depressie is een vorm van een depressie die zich voordoet na de geboorte van een kind. De meeste moeders hebben drie tot vier dagen na de geboorte wel last van babyblues (huilen zonder reden bijvoorbeeld), meestal getriggerd door de hormonale veranderingen in het lichaam. Als dit gevoel langer dan een week aanhoudt, wordt het een postnatale depressie die wordt gekenmerkt door hopeloosheid, verdriet, uitputting en slaapproblemen (ook als de baby zelf slaapt).
"Deze vrouwen zijn niet in de mogelijkheid om van hun baby te genieten. Op zo'n moment depressief worden, is extra zwaar omdat iedereen verwacht dat je gelukkig bent en op een roze wolk zweeft."
Emotionele en praktische steun van de omgeving, en dan vooral van de partner, is cruciaal. "Al moeten de vrouwen ook zelf begrijpen dat het leven soms uitputtend kan zijn", voegt de onderzoekster er aan toe.
In een poging postnatale depressie te verminderen en misschien wel voorkomen, wordt in Noorwegen een webprogramma opgestart, dat vrouwen vanaf de 22ste week zwangerschap tot 6 weken na de bevalling zal volgen en steunen.
In België valt naar schatting tien procent van de nieuwe moeders ten prooi aan een postnatale depressie.