Amerikaanse generaal: "Drie leiders van IS in Irak gedood"
Bij Amerikaanse luchtaanvallen tegen Islamitische Staat (IS) in Irak zijn drie leiders van de terreurgroep om het leven gekomen. Dat heeft Martin Dempsey, het hoofd van de Amerikaanse strijdkrachten, gezegd in een interview met de Wall Street Journal.
Een door Amerika geleide coalitie gooit bommen op doelen van terreurbeweging IS in Irak. Ook België doet daaraan mee. Bij die bombardementen zou allereerst Abd al-Basit zijn gedood. Hij coördineerde de militaire operaties van IS in Irak.
De tweede die omkwam was Haji Mutazz, een belangrijke adjudant van IS-leider Abu Bakr al-Baghdadi. De derde dode was de IS-gouverneur van de Iraakse stad Mosul, Radwin Talib.
Verder zijn er nog enkele lager geplaatste IS-leden gedood, zeiden andere officiële bronnen binnen het leger tegen de krant.
De aanvallen waren bedoeld om de terreurgroep militair te verzwakken en zijn mogelijkheden om strijders financieel te ondersteunen en te bewapenen te beperken, zei Dempsey in het interview.
Focus op Kobani
De Amerikaanse luchtaanvallen in buurland Syrië, waar IS grote delen van het noorden en oosten heeft veroverd, concentreren zich op Kobani. In deze stad, dichtbij de grens met Turkije, vechten Koerdische troepen al maanden tegen de terreurgroep. Het Amerikaanse leger heeft in een verklaring laten weten dat vandaag zeven posities van IS in Kobani zijn geraakt. Er zouden zes luchtaanvallen zijn uitgevoerd.
De VS en zijn partners hebben vandaag ook vijf luchtaanvallen in Irak uitgevoerd. Daarbij zouden doelwitten van IS in Tal Sfar, Mosul en Ramadi zijn geraakt.