IS-leider in Falluja gedood door luchtaanval
De Verenigde Staten hebben met luchtaanvallen in de afgelopen dagen minstens zeventig strijders van Islamitische Staat (IS) gedood. Onder meer de plaatstelijke commandant Maher al-Bilawi kwam om het leven. Dat heeft Steve Warren, de woordvoerder van het Amerikaanse leger in Irak, bekendgemaakt.
Het Iraakse leger is eerder deze week met steun van Amerikaanse luchtaanvallen een offensief begonnen om IS uit Fallujah te verdrijven. Fallujah, zo'n zeventig kilometer ten westen van Bagdad, is na de noord-Iraakse stad Mosoel, het belangrijkste bolwerk van IS in Irak. De extremisten controleren de stad sinds januari 2014.
Aanvankelijk zag het ernaar uit dat Mosoel het eerstvolgende doelwit zou worden van een regeringsoffensief. Iraakse troepen en Koerdische strijders rukten de laatste tijd steeds verder op richting de miljoenenstad, die medio 2014 door IS-strijders onder de voet werd gelopen.
Maar de inname van Fallujah heeft voorrang gekregen na een reeks bloedige bomaanslagen door IS in de Iraakse hoofdstad, waarbij bijna 200 mensen omkwamen. Volgens Amerikaanse commandanten probeerde IS de Iraakse regering daarmee te dwingen troepen terug te trekken naar het gebied rond de hoofdstad, waar nu al ruim de helft van de Iraakse troepen gelegerd is. Er zijn naar verluidt nog 500 a 700 strijders van IS in Fallujah, die zich hevig verzetten.