De uitroeiing nadert voor Iraakse christenen
Christenen in Irak worden met uitsterven bedreigd door het niet aflatend geweld van extremistische moslims. De aarstbisschop van Irbil, de hoofdstad van Iraaks Kurdistan, beschuldigt de Britse christelijke leiders voor het uitblijven van kritiek. Hij stelt dat ze bang zijn om als islamofoob te worden afgeschilderd.
Aartsbisschop Bashar Warda zegt dat het einde voor de christelijke gemeenschap in Irak nu echt nadert, na 1400 jaar van vervolging. Na het omverwerpen van het regime van Saddam Hussein in 2003, is de christelijke bevolking met 83% verminderd. Van ongeveer 1.5 miljoen gingen ze naar 250.000.
“Het Christendom is een van de oudste religies in Irak, misschien zelfs in de hele wereld. Vandaag wordt ze met uitsterven bedreigd. De Christenen die nog overblijven, moeten er rekening meehouden dat ze de marteldood kunnen sterven”, zei de bisschop.
Islam verspreiden door christenen en jezidi’s te doden
Daarmee doelt hij op de bedreiging die IS ook vandaag nog voor hen is. Hoewel IS in maart haar laatste bolwerk in Irak kwijtspeelde, zijn de christenen niet teruggekeerd naar Irak. Veel van hun huizen, hun kerken en hun kloosters zijn immers verwoest, en het gevaar blijft latent aanwezig. Deze week waarschuwde de aartsbisschop nog voor een groeiend aantal groeperingen dat beweert dat het doden van christenen en jezidi’s helpt om de islam te verspreiden.
Warda beschuldigt de Britse christelijke leiders ervan zich niet te durven uitspreken over de zaak, uit angst om niet politiek correct te zijn. Volgens hem zijn ze bang om beschuldigd te worden van islamofobie.