Hirsi Ali bekritiseert aanpak Westen bij islamprotesten
De moslims die nu de straat opgaan om doodstraf van de makers van de anti-islamfilm te eisen, zijn geen marginale groep. Integendeel, zij vertegenwoordigen de hoofdstroming in de huidige islam. Weliswaar veroordelen vele moslims en ex-moslims het geweld, maar zij staan aan de rand van de moslimgemeenschap. Dat schrijft de voormalige Nederlandse politica Ayaan Hirsi Ali in een opiniestuk in het Amerikaanse tijdschrift Newsweek. Ze doet dat naar aanleiding van de rellen die afgelopen week in de Arabische wereld ontstonden nadat een Amerikaanse anti-islamfilm online was gezet.
Publicatie Salman Rushdie
Zij noemt het "een vreemde en bittere'' samenloop van omstandigheden dat de uitbarsting van geweld van moslims samenvalt met de publicatie van het nieuwe boek van Salman Rushdie. In 1989 sprak de Iraanse geestelijk leider ayatollah Khomeini een doodvonnis tegen hem uit wegens zijn boek 'De Duivelsverzen'. "In 23 jaar is er niet veel veranderd'', schrijft Hirsi Ali.
In de omstreden film wordt de spot gedreven met de profeet Mohammed. Betogers in verschillende Arabische landen gingen vervolgens de straat op. In Libië werden de Amerikaanse ambassadeur en drie ambassademedewerkers gedood. Hirsi Ali schrijft in haar artikel dat westerse regeringen de "incoherente neiging" hebben om de vrijheid van meningsuiting te verdedigen, terwijl ze de resultaten ervan veroordelen.
Filmmaker Theo van Gogh
De Nederlandse van Somalische afkomst schreef het script en verzorgde de voice-over van de film 'Submission' van de vermoorde filmmaker Theo van Gogh. In die film werd kritiek geleverd op de behandeling van vrouwen in de islamitische wereld.