IS-strijders ontvluchten Syrische grensstad Manbij
De jihadisten van Islamitische Staat (IS) vluchten uit de Syrische plaats Manbij, 25 kilometer van de Turkse grens. Dit hebben de strijders van de SDF (Syrische Democratische Strijdkrachten) maandag verklaard. De overwegend Koerdische strijders van de SDF hebben met Amerikaanse steun afgelopen week de aanval op Manbij geopend. Er zouden al meer dan 150 strijders van IS zijn gedood.
Een van de aanvallers van de SDF, Sharfan Darwash, zei dat IS-strijders de huizen zijn ontvlucht die ze eerder hadden ingenomen. Ze nemen alles mee wat ze kunnen.
Het offensief van de SDF, dat uit Koerdische en Arabische milities bestaat, is in eerste instantie gericht op het veroveren van de stad Manbij, niet ver van de Turkse grens. Als de verovering succesvol verloopt, dan zou dat het gebied in handen van IS in tweeën splijten. Ook zouden de extremisten hun aanvoerlijn tussen Turkije en Raqqa kwijtraken.
De Verenigde Naties heeft gewaarschuwd dat 216 duizend mensen ontheemd dreigen te raken vanwege het offensief rondom de stad. Dat is bovenop de 20 duizend mensen die al ontheemd zijn. Volgens de VN is het mogelijk dat burgers 'belemmeringen' ervaren bij het verlaten van de gebieden die door IS bezet zijn en dat er toegang moet komen tot onderdak, drinkwater, eten en gezondheidszorg.
Raqqa
De stad Manbij ligt op 120 kilometer afstand van Raqqa, het Syrische hoofdkwartier van IS. Zaterdag is het Syrische leger de provincie Raqqa binnengetrokken tijdens een door Rusland gesteund offensief tegen IS. Rusland voerde vrijdag zware luchtaanvallen uit op IS-territoria in de buurt van de provincie, waardoor het leger kon doorstoten.
Het binnendringen van de provincie Raqqa is onderdeel van een groot offensief tegen IS onder leiding van het Syrische regeringsleger, dat onafhankelijk van het offensief van de door Amerika gesteunde SDF wordt uitgevoerd.