Nederland gaat Palestijnse staat nu nog niet erkennen
Nederland zal Palestina nu nog niet als staat erkennen. Maar het Nederlandse kabinet wil die erkenning wel mogelijk maken. Dat moet gebeuren op een "strategisch moment" als het "effectief en reëel" is in het vredesproces tussen Israël en de Palestijnen, zo zei PvdA-minister Bert Koenders van Buitenlandse Zaken gisterenavond tijdens een debat in de Tweede Kamer over zijn begroting voor volgend jaar.
Koenders gaat verder dan zijn voorganger en partijgenoot Frans Timmermans, die zei dat een aparte Palestijnse staat het sluitstuk moet zijn van het vredesproces. Voor Koenders zou die erkenning ook eerder kunnen. Hij wil dat niet alleen van de onderhandelingen tussen de partijen laten afhangen. Dat vredesoverleg is volgens hem wel belangrijk. Maar de Nederlandse minister steunt de lijn van de Britten. Die hebben aangegeven zich het recht voor te behouden om op enig moment zelf tot erkenning over te gaan als dat het vredesproces kan bevorderen.
Erkenning van Palestina als staat is volgens Koenders nu niet aan de orde, omdat dat volgens hem op dit moment niet bijdraagt aan de hervatting van de vredesonderhandelingen. De PvdA-fractie had dinsdagavond aangekondigd de discussie over deze erkenning te willen aanzwengelen, wat volgens Koenders belangrijk is. De sociaaldemocraten hebben er geen moeite mee om, in navolging van Zweden, de Palestijnse staat te erkennen. Maar in de Tweede Kamer is daar op dit moment geen meerderheid voor.
Koenders wil voorts dat de Europese Unie een "substantiële rol" krijgt in het vredesproces, dat is vastgelopen. De Amerikanen sturen hier volgens hem ook op aan. Het kabinet wil ook goede banden houden met zowel Israël als de Palestijnse Autoriteit. "We kunnen ons niet veroorloven om partij te kiezen", zei Koenders.