Waarom Zara en Mango nog steeds aan slavernij meewerken
Gisteren werden in Bangladesh medewerkers van naaiateliers tijdens een protestmars voor een hoger minimumloon uit elkaar gedreven met waterkanonnen en rubberen kogels, ze eisten de sluiting van meer dan 100 fabrieken. De naaisters in deze fabrieken krijgen nog altijd veel te weinig loon voor hun werk, ontdek hoe jij als shopper kunt helpen deze vorm van moderne slavernij te stoppen.
Het voorstel van een adviesorgaan van de overheid was een stijging van 77 procent voor het minimumloon van naaisters in kledingfabrieken na een reeks van dodelijke ongevallen door slechte werkomstandigheden en een een te laag salaris. Het huidige minimumloon van 38 dollar is de helft van dat in Aziatische landen als Vietnam en Cambodja en ongeveer een kwart van wat Chinese collega's krijgen. De eigenaars van de fabrieken zeggen dat ze die 77 procent simpelweg niet kunnen betalen.
Onverschillige bazen
De politie vuurde ook traangas af om de demonstranten in de omgeving van hoofdstad Dhaka uit elkaar te drijven. Ongeveer 20 procent van alle geëxporteerde kledij komt uit dit gebied. Een demonstrant legt uit: "Eigenaars zijn onverschillig voor onze eisen, ze willen niet eens bieden wat de overheid had voorgesteld. We hadden geen andere optie dan de straat op te gaan. Het personeel in naaiateliers heeft in september al zes dagen gestaakt, wat de productie in bijna 20 procent van de 3.200 fabrieken heeft getroffen, tijdens de zomermaanden werd er ook al geprotesteerd."
Het nieuwe protest ging gepaard met een nationale staking geleid door de grootste oppositiepartij, die eist dat de verkiezingen van volgend jaar zal doorgaan onder een niet partijdig regering. De impasse tussen de regerende partij en de oppositie, is een bedreiging voor de exportindustrie. Ongeveer 4 miljoen vrouwen in Bangladesh zijn werkzaam in deze industrie, die vooral kledij aan westerse landen levert.
Ongevallen
De industrie krijgt nu zoveel aandacht na een reeks ongelukken, waaronder de instorting in april van een flatgebouw waarin een fabriek was gevestigd. Daarbij stierven meer dan 1.130 mensen. Door de lage lonen en de goede handelsvoorwaarden is Bangladesh zo interessant geworden dat het nu de tweede grootste kledingexporteur, na China, is geworden. 60 procent van de productie gaat naar Europa, 23 procent naar de Verenigde Staten.
Hoe kan jij helpen?
Wie mee wil helpen een eind te maken aan dit soort wantoestanden, kan beginnen met geen kledij meer uit Bangladesh te kopen. Onder meer kledingketens Zara als Mango laten hun collecties hier nog steeds maken, controleer het label voor je ermee naar de kassa stapt, er zijn voldoende alternatieven voor kledij die wel op een eerlijke manier vervaardigd werd.