Noord-Korea: "Samen hack onderzoeken, anders dreigen zware gevolgen"
"Laster", zo noemt Noord-Korea de beweringen van de Amerikaanse inlichtingendienst FBI dat het land betrokken is bij de hack van Sony Pictures van eind vorige maand. Pyongyang heeft de Verenigde Staten gevraagd samen de hack te onderzoeken en voegde daar een dreigement aan toe.
Noord-Korea wil een gezamenlijk onderzoek met VS naar de Sony-hack, nu de FBI 'laster' verkoopt over het land, zo klinkt het. Mocht Washington dat weigeren en de beschuldigingen handhaven, dan zou dat "zware gevolgen" hebben, aldus een woordvoerder van het Noord-Koreaanse ministerie van Buitenlandse Zaken. "Zonder beroep te doen op foltering zoals de CIA heeft gedaan, kunnen we aantonen dat we niets te maken hebben met het incident."
Volgens FBI hebben Noord-Koreaanse hackers niet alleen ingebroken bij Sony, maar hebben ze ook met dreigementen proberen te voorkomen dat de film 'The Interview', over een moordcomplot tegen de Noord-Koreaanse leider Kim Jong-un, te zien is voor het grote publiek.
Intussen heeft ook Zuid-Korea het noordelijke buurland ervan beschuldigd achter de cyberaanval op Sony te zitten. De hack vertoont volgens Seoel grote gelijkenissen met eerdere aanvallen op Zuid-Koreaanse banken en persagentschappen.
Barack Obama zei gisteren dat filmstudio Sony "een fout" heeft gemaakt door de release van 'The Interview' te schrappen, na bedreigingen met aanslagen van de hackers die eerder aan de haal gingen met tal van interne documenten. De Amerikaanse president voegde toe dat de VS Noord-Korea van antwoord zullen dienen.
Sony plant inmiddels 'The Interview' online uit te brengen. "Vrijheid van meningsuiting mag nooit onderdrukt worden met dreigementen en afpersing", zo laat Sony weten.
"De beslissing om de film niet met Kerstmis uit te brengen, kwam er omdat de meerderheid van de Amerikaanse bioscopen de film niet wilden vertonen. Dat was hun beslissing. Wij hadden geen keuze. We blijven hopen dat iedereen die deze film wil zien hem ook zal kunnen zien".