Kletst zwemkampioen Lochte uit zijn nek? "Weinig bewijs voor beroving"
Het politieteam in Rio de Janeiro dat onderzoek doet naar de beroving van de Amerikaanse zwemmer Ryan Lochte en drie andere atleten heeft nog weinig bewijs gevonden. Volgens een betrokkene bij het onderzoek kon het viertal belangrijke informatie niet verstrekken in de verhoringen.
Lochte, winnaar van de 4x200 meter op de Olympische Spelen in Rio de Janeiro, zou na een feestje zijn zijn beroofd in een taxi door een groep gewapende mannen die verkleed waren als politieagenten. Met getrokken wapens maakten de criminelen geld, portemonnees en persoonlijke bezittingen buit. De atleten bleven ongedeerd.
De beroving werd bevestigd door het Amerikaans olympisch comité, waarna een onderzoeksteam van de politie in Rio werd ingeschakeld om de daders op te sporen. Dat verloopt niet van harte, meldt persbureau The Associated Press op basis van een anonieme bron dicht bij het onderzoek.
De taxichauffeur en getuigen zijn onvindbaar. De gesprekken met Lochte en één van de andere zwemmers leveren de politie nauwelijk iets op: zij geven aan beschonken te zijn geweest. Ze kunnen zich de locatie en de tijd van het voorval en het merk en de kleur van de taxi niet meer herinneren. Ook weten ze niet hoe laat ze het feestje verlieten.
Details
Eerder wist Lochte tegenover NBC wél enkele details op te rakelen.
"Ze trokken hun wapens en riepen dat we op de grond moesten gaan liggen. Ik weigerde dat, want ik had niks verkeerd gedaan."
Volgens de olympisch kampioen zette één van de berovers toen het pistool op zijn voorhoofd en spande het slagstuk. "Hij zei: 'Ga liggen'. Ik ben toen op de grond gaan liggen en hij jatte mijn portemonnee."
Lochtes advocaat Jeff Ostrow laat aan AP weten dat er geen twijfel bestaat dat het incident daadwerkelijk heeft plaatsgevonden. "Het is gegaan zoals het is beschreven. Het is voor Ryan - en voor wie dan ook - moreel onaanvaardbaar om een verhaal te verzinnen."