Peumans streng voor N-VA-top: "Ze moeten eens leren zwijgen"
Na eerder forse kritiek van buiten de partij op bepaalde uitspraken van N-VA-voorzitter Bart De Wever en staatssecretaris voor Asiel en Migratie Theo Francken klinkt er nu ook gemor binnen de partij. Vlaams parlementsvoorzitter Jan Peumans uit in De Standaard zijn ongenoegen over het discours dat de twee de jongste weken hanteerden over het vluchtelingendossier.
"Onze partijtop moet eens leren zwijgen", zegt Peumans, oudgediende binnen de N-VA en een van de gezichten van de linkervleugel, onomwonden. "Wat heeft het allemaal voor zin? Zulke uitspraken helpen niemand vooruit, en al zeker de mensen in kwestie niet."
Gisteren nog veroorzaakte Theo Francken ophef met zijn tweets en uitspraken over het "tentenkampje" in het Maximiliaanpark in Brussel dat te "knus" zou zijn aangezien maar weinig mensen de weg vonden naar de noodopvang in het WTC-gebouw. Die tweet had Francken best niet verstuurd, aldus Peumans. "Ze hebben geen enkele meerwaarde. Bij deze lanceer ik een oproep tot al mijn partijgenoten: zwijg! Dat lijkt mij veel beter. Denk allemaal maar eens twee keer na voor je iets zegt."
Maar ook niemand minder dan voorzitter Bart De Wever zelf krijgt van Peumans een veeg uit de pan. En wel wegens zijn voorstel na te denken over een apart statuut voor vluchtelingen. "Ik hoor de voorzitter zeggen dat hij wil nadenken over een apart sociaal statuut voor vluchtelingen, wel, dat kán gewoon niet volgens de Conventie van Genève. We gaan die toch niet aan onze laars lappen, zeker? Gelukkig zei hij "erover nadenken", maar zoiets moet je gewoon niet zeggen."
Toch is Peumans tevreden met het geleverde werk van de N-VA-excellenties, zo zegt hij. "Ons vluchtelingenbeleid mag gezien worden, mensen komen niet voor niets naar ons land. Het is een rijke regio, het is hier goed. Men zou het beter vanuit die positievere optiek belichten."
'Ik hoor de voorzitter zeggen dat hij wil nadenken over een apart sociaal statuut voor vluchtelingen, wel, dat kán gewoon niet volgens de Conventie van Genève. We gaan die toch niet aan onze laars lappen, zeker?'