Europees Parlement vraagt betere behandeling arbeiders WK Voetbal Qatar
Het Europees Parlement heeft gisteren de precaire situatie van buitenlandse arbeiders in Qatar aan de kaak gesteld. Het halfrond vraagt de wereldvoetbalbond Fifa erop toe te zien dat de voorbereiding van het wereldkampioenschap in 2022 niet overschaduwd wordt door verhalen over gedwongen arbeid.
In Qatar maken buitenlanders bijna negentig procent van de werkende bevolking uit. Het merendeel komt uit landen als India, Bangladesh en Nepal. Voor de bouw van stadions en andere infrastructuur met het oog op het WK van 2020 worden nog eens minstens 500.000 buitenlandse arbeiders in het land verwacht.
Qatar heeft een bijzonder kwalijke reputatie als het om de behandeling van die arbeiders gaat. Zo vragen de Europarlementsleden de afschaffing van het kafala-systeem, een systeem van gesponsorde visa dat erop neerkomt dat arbeiders zonder toestemming van hun werkgever niet van job kunnen veranderen en al evenmin het land kunnen verlaten.
"Een groot sportevenement zoals het WK kan een kans zijn om de arbeids-en levensomstandigheden in het gastland op te krikken. Met het toekennen van de Wereldbeker aan Qatar heeft FIFA hierin een verpletterende verantwoordelijkheid genomen", zo meent Europarlementslid Ivo Belet (CD&V).
Het Europees Parlement doet ook een beroep op de verantwoordelijkheidszin van Europese bedrijven die betrokken zijn bij de bouw van stadions. Ze zouden moeten zorgen voor arbeidsvoorwaarden die in overeenstemming zijn met de internationale standaarden, zo stelt de resolutie.