Rusland leert het niet: na Sotchi nu 17 WK-arbeiders overleden
Rusland is niet aan zijn proefstuk toe als het op het organiseren van een groot sportevent aan komt. En toch lieten tijdens de bouw van de WK-stadions nu, na de maar liefst 70 doden in Sotchi, opnieuw 17 arbeiders het leven. Dat zegt een rapport van Human Rights Watch dat vandaag werd verspreid.
Met nog een jaar voor de start van het WK voetbal, wordt het vizier al stilaan gericht op Rusland. Zo komt Human Rights Watch met een vernietigend rapport bij de bouw van zes WK-stadions op de proppen waarbij de werknemers die aan de WK-stadions werken maanden op hun loon moeten wachten of zelfs soms niet betaald worden. Sommige werknemers moesten zelfs bij een temperatuur van -25 graden Celsius zonder al te veel bescherming verder werken.
"Dit moet een wake-up call zijn", vertelde Ambet Yuson, secretaris generaal van Building & Wood Workers International (BWI), aan de New York Times. "Ze hebben al de ervaring van Sotchi en daar moeten ze uit leren. Als je terugkijkt naar Sotchi dan zie je dat de meeste ongelukken op het einde van het bouwen gebeurden. Ze zouden ondertussen toch al beter moeten weten."
"De FIFA-belofte om van mensenrechten een hoeksteen van de wereldwijde activiteiten te maken, wordt in Rusland op de proef gesteld. En FIFA maakt de belofte niet waar", zegt Jane Buchanan, de directeur van Human Rights Watch in Europa en Centraal-Azië.
De wereldvoetbalorganisatie had nog voor de publicatie van het rapport de beschuldigingen tegengesproken. FIFA zegt "meer dan welke andere sportorganisatie" inspanningen te leveren voor het beschermen van mensen- en arbeidersrechten. "We delen het objectief van Human Rights Watch om degelijke arbeidsomstandigheden te waarborgen op de sites waar de stadions voor de wereldbeker worden gebouwd."