Wat gebeurde met de 100.000 Belgen die hun uitkering verloren?
In de eerste helft van dit jaar heeft 13,5% van de Belgen die uit de werkloosheid vielen in de daaropvolgende maand een job gevonden. Dat is 1 op de 8. Elke maand vinden meer ex-werklozen een baan. Dat meldt de RVA. Minister van Werk David Clarinval (MR) spreekt dan weer van een ambitieuzer cijfer: “Van de mensen die in april uit de werkloosheid stroomden, heeft één op de drie werk gevonden.”
Wat gebeurt met langdurig werklozen die hun uitkering verliezen? Daarover geeft het monitoringrapport van de Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening (RVA) een stand van zaken. De afbouw van werkloosheidsuitkeringen is een van de hervormingen van de regering die begin dit jaar in werking traden. Belgen zonder werk kunnen nog maximaal twee jaar een werkloosheidsuitkering krijgen. De maatregel wordt uitgevoerd in zes fases. Op 1 januari verloren daardoor mensen die langer dan 20 jaar stempelden hun uitkering. Op 1 april startte de derde golf: werkzoekenden die tijdens hun loopbaan minder dan 8 jaar volledig werkloos zijn geweest.
Maal drie
Volgens de RVA hebben sinds januari bijna 100.000 Belgen hun uitkering verloren: 87.788 mensen verloren het recht op een werkloosheidsuitkering en 11.356 anderen het recht op een inschakelingsuitkering. Die laatste groep zijn jongeren die een uitkering krijgen nadat ze de schoolbanken hebben verlaten.
De meesten van degenen die hun uitkering verliezen, schakelen over naar een leefloon. 43.613 mensen – of zo’n 44% – vroeg en kreeg een leefloon bij het OCMW
Het goede nieuws is dat er elke maand meer van hen doorstromen naar een job: terwijl er in januari amper 5% in de maand na het verlies van hun uitkering een baan vond, is dat in april gestegen naar 16,6%. In totaal gaat het tot nu om 13,5%, of één op de acht.
Daartegenover daalt het aandeel mensen dat een ziekte-uitkering krijgt: in januari was dat 12%, in april nog 5,5%. De meesten van degenen die hun uitkering verliezen, schakelen over naar een leefloon. In de eerste zes maanden van het jaar hebben 43.613 mensen na het einde van hun recht op een werkloosheids- of inschakelingsuitkering een leefloon bij het OCMW aangevraagd en toegekend gekregen. Dat komt neer op 44% van het totaal. Volgens de RVA werden 9.000 aanvragen geweigerd. Niet alle personen komen in de statistieken terecht. Een aantal van de Belgen die uit de werkloosheid vielen, is intussen overleden of verhuisd.
Het is logisch dat het aantal mensen die snel werk vinden na het schrappen van hun uitkering, de jongste maanden is gestegen. In januari ging het om werklozen die langer dan 20 jaar stempelden. Voor hen is het moeilijker om werk te vinden dan zij die minder dan 8 jaar werkloos waren. “De tendens die we van bij het begin vaststellen, wordt bevestigd”, zegt minister van Werk David Clarinval (MR). “De uitstroom naar werk neemt toe naarmate mensen worden uitgesloten die minder ver van de arbeidsmarkt staan. Tussen de uitsluitingsgolven van januari en april is de uitstroom naar werk van de mensen die hun recht verloren hebben verdrievoudigd van 5,1% in januari tot 16,6% in april.”
Leeftijd en geslacht
Nog uit de monitoring van de RVA blijkt dat mannen makkelijker werk vinden dan vrouwen: 14,2% tegenover 12,7%. En nog een – logische – vaststelling is dat leeftijd afremmend werkt. Bij de mensen van vijftig en ouder vindt slechts 8,4% een baan. Bij de groep van jonger dan 30 jaar gaat het om 20%.
Clarinval ziet in de cijfers een bevestiging van het succes van zijn hervorming. “Van de personen die in april uit de werkloosheid stroomden, heeft een op drie werk gevonden, ofwel vóór het einde van hun rechten, ofwel nadat zij hun rechten hadden verloren. We komen dus, zoals voorzien, uit op een derde van de betrokken personen dat opnieuw werk vindt.” Clarinval telt dus ook de zogenaamde spontane werkhervattingen mee. Dan gaat het over mensen die al een paar maanden voor ze uit de werkloosheid zouden vallen zelf een job vonden.
Clarinval besluit: “Een positieve vaststelling die we moeten onthouden uit deze monitoring: de mensen die hun rechten hebben verloren, blijven zich inspannen om werk te vinden. In de maanden na de uitsluiting blijft de uitstroom naar werk toenemen. Voor de mensen die in april aan het einde van hun recht kwamen, had 18,2% tegen eind april werk gevonden als werknemer of zelfstandige. In juni was dat percentage al gestegen tot 23,6 %.”