Nog geen duidelijkheid over Opel-fabrieken
De verlieslatende Duitse autobouwer Opel moet snijden in de kosten, maar over concrete maatregelen kunnen nog geen mededelingen worden gedaan. Dat heeft de dochter van het Amerikaanse General Motors vandaag laten weten na afloop van een bestuursvergadering.
Duizenden werknemers in Duitsland en Groot-Brittannië wachtten angstig het resultaat van de vergadering af. Zij vrezen dat hun fabrieken dichtgegooid gaan worden. De 50 jaar oude fabriek in het Duitse Bochum en de Britse vestiging in Ellesmere Port lopen volgens deskundigen het meeste risico om gesloten te worden.
De autoverkopen in Europa staan door de economische neergang zwaar onder druk. Daardoor moeten autofabrikanten snijden in de kosten en de productiecapaciteit terugdringen. Opel gooide eerder zijn fabriek in Antwerpen dicht. Fiat sloot een onrendabele fabriek in Sicilië en Saab beëindigde de productie in het Zweedse Trollhattan. Tegen het einde van dit jaar staakt Mitsubishi de productie in Born.
Opel-topman Karl-Friedrich Stracke zei eerder deze maand dat er geen taboes zijn binnen het bedrijf om de kosten te verlagen, hoewel hij een afspraak om geen fabrieken te sluiten voor het eind van 2014 zou respecteren. Die deal sloot Opel 2 jaar geleden met de vakbonden in ruil voor opofferingen van het personeel van in totaal 265 miljoen euro.
De werknemers vragen zich af wat er na 2014 gaat gebeuren. Bij de Opelfabriek in Bochum werken ongeveer 3.100 mensen. Maar met alle toeleveranciers en dienstverlenende bedrijven er omheen meegerekend biedt de fabriek werkgelegenheid aan zo'n 45.000 mensen. Ellesemere Port heeft ongeveer 2100 vaste mensen in dienst.