Kwart meer 66-plussers werken door, vooral door nieuwe pensioenbonus
In de eerste helft van 2026 was bijna een kwart meer 66-plussers aan het werk in ons land dan in dezelfde periode in 2025. Dat zegt hr-kantoor Acerta. Een en ander heeft te maken met een nieuwe vorm van pensioenbonus waardoor werknemers een hoger pensioen kunnen opbouwen.
In totaal is 2,03 procent van de huidige werkende bevolking vandaag ouder dan de wettelijke pensioenleeftijd van 66 jaar. Het aantal 66-plussers dat vrijwillig doorwerkt, groeide daarmee de eerste jaarhelft van 2026 zelfs bijna vier keer zo snel als een jaar eerder.
In de eerste jaarhelft van 2026 was 2,03 procent van alle werknemers 66-plusser. In dezelfde periode in 2025 was dat nog 1,60 procent. Het aantal werkende 66-plussers nam op een jaar tijd met 24,4 procent toe. Daarmee groeide het aantal 66-plussers dat vrijwillig doorwerkt de eerste jaarhelft van 2026 bijna vier keer zo snel als in dezelfde periode een jaar eerder.
De cijfers zijn vooral een gevolg van de nieuwe pensioenbonus die sinds 1 januari 2026 (retroactief) van kracht is. Door die nieuwe vorm van pensioenbonus kunnen werknemers een hoger pensioen opbouwen, als ze hun pensionering uitstellen tot na de wettelijke pensioenleeftijd.
De nieuwe pensioenbonus werd op 1 juni 2026 in het Staatsblad gepubliceerd, maar is retroactief van kracht gegaan sinds 1 januari 2026.
Vergrijzing
Op langere termijn vergrijst de Belgische arbeidsmarkt gestaag: de gemiddelde leeftijd steeg van 42,4 naar 44,1 jaar tussen 2018 en 2026. Halfweg 2026 is al 12 procent van de werknemers 60-plusser.
De gemiddelde leeftijd bij bedienden stijgt ruim dubbel zo sterk als bij arbeiders. Vergeleken met 2018 zijn bedienden in 2026 gemiddeld 25,7 maanden ouder, arbeiders 10,5 maanden. Terwijl arbeiders in 2018 nog gemiddeld 1,8 jaar ouder waren, zijn ze in 2026 gemiddeld nog maar 0,6 jaar ouder dan de bedienden. De leeftijdskloof verkleint dus snel.
“Dat de gemiddelde leeftijd van de bedienden op de arbeidsmarkt sneller toeneemt dan die van de arbeiders, valt waarschijnlijk te verklaren door de aard van het werk dat beide statuten uitvoeren”, zegt Ellen Van Grunderbeek, experte pensioen bij Acerta. “Fysiek zware jobs bij arbeiders leiden tot vroegere uitstroom, terwijl bedienden makkelijker langer doorwerken. Arbeiders komen algemeen vroeger op de arbeidsmarkt waardoor ze ook sneller met vervroegd pensioen kunnen.”
Voor de studie analyseerde Acerta de gegevens van 390.000 werknemers in dienst bij 31.000 werkgevers uit de Belgische private sector.