Opel sluit naast Bochum geen extra vestigingen in Europa
De Duitse autoconstructeur Opel, die maandag aankondigde na 2016 geen auto's meer te vervaardigen in de fabriek van het Duitse Bochum, sluit uit dat andere fabrieken in Europa de deuren zullen moeten sluiten. Dat staat in het Duitse weekblad WirtschafsWoche. Vandaag ligt de productieband in de fabriek van Bochum evenwel een tijdlang stil voor een informatievergadering, de arbeiders willen hun job immers niet zonder slag of stoot opgeven.
Opel, de noodlijdende dochter van de Amerikaanse autobouwer General Motors, blijft voorzichtig voor de toekomst, want het verwacht dat de vraag in Europa terug blijft lopen. "Maar ons herstructureringsplan werpt reeds de eerste vruchten af", aldus Opel-topman Thomas Sedran. "We hebben de stock en onze materiaalkosten ingeperkt. Dat heeft heel wat geld in het laatje gebracht." Hij maakt zich sterk dat het iedere dag beter gaat met het bedrijf. Extra sluitingen in Europa sluit hij dan ook uit, maar voor Bochum is er "helaas geen alternatief". Opel wil de vestiging wel openhouden als distributiecentrum voor onderdelen.
Acties werknemers
In Bochum zijn meer dan 3.000 werknemers aan de slag. Sedran liet optekenen dat Opel ontslagen wil vermijden. Vandag lag de productieband er wel een uur stil door een bijeenkomst van het personeel. Later volgen nog enkele acties tijdens de middag- en nachtshift. De vertegenwoordigers van de werknemers willen de stopzetting van de autoproductie in Bochum niet aanvaarden.
De werknemers zijn voorts ook kwaad dat de directie het voor zaterdag geplande feest voor het 50-jarige bestaan van de fabriek afgezegd heeft.