Belgische broeikasuitstoot voor het eerst sinds 2021 licht gestegen
De uitstoot van broeikasgassen in België is in 2024 voor het eerst sinds 2021 licht gestegen. Dat blijkt uit cijfers die de Dienst Klimaatverandering heeft vrijgegeven. De toename is toe te schrijven aan hogere uitstoot in de Vlaamse industrie.
Als de natuurlijke koolstofputten van landgebruik, landgebruiksverandering en bosbouw (LULUCF) niet mee in rekening worden genomen, dan steeg de uitstoot van broeikasgassen in 2024 met 0,2 procent in vergelijking met 2023 tot 98 megaton CO2-equivalent. In 2023 was nog sprake van een daling met 4,69 procent ten opzichte van 2022.
Vlaamse metaal- en chemiesector
De lichte stijging in 2024 wordt toegeschreven aan een hogere uitstoot in de Vlaamse metaal- en chemiesector en raffinaderijen (+1,2 megaton CO2-equivalent), deels tenietgedaan door een daling van de uitstoot in Wallonië met 0,7 megaton CO2-equivalent.
Ten opzichte van referentiejaar 1990 is er wel nog steeds sprake van een daling met 32,6 procent. De doelstelling is echter om tegen 2030 een reductie met 47 procent te bereiken, om dan in 2050 klimaatneutraliteit te bereiken. Daarvoor moet de reductie echter dubbel zo snel gaan als de trend van de voorbije jaren.
Als LULUCF wel wordt meegenomen, kwam de uitstoot in 2024 uit op 97,4 megaton CO2-equivalent, een daling met 0,03 procent.
CO2 blijft met voorsprong het belangrijkste broeikasgas, goed voor 87,2 procent van alle uitstoot. Daarna volgen methaan (CH4) met 7,1 procent en distikstofmonoxide (N2O) met 3,9 procent.
Transportsector
Vooral de tendens in de sectoren transport en verwarming niet-residentiële gebouwen is zorgwekkend. Sinds 1990 is de uitstoot van de transportsector namelijk met 18,8 procent toegenomen. Met meer dan een kwart (25,4 procent) van de totale emissies is de transportsector ook de grootste uitstoter. De verwarming van niet-residentiële gebouwen, zoals kantoorruimtes, nam in dezelfde periode met 7,1 procent toe. In de andere sectoren is wel telkens sprake van een daling.