Bureau keurt nieuw reglement Senaat goed
Het bureau van de Senaat heeft een nieuw reglement goedgekeurd dat in voege treedt bij de hervorming van de Senaat als gevolg van de zesde staatshervorming. Daarnaast stemde het bureau ook in met een beperking van de financiering van de politieke fracties tot 25 procent van het huidige niveau. Het nieuwe reglement moet nog door de plenaire vergadering worden goedgekeurd.
Door de staatshervorming wordt de rechtstreekse verkiezing van senatoren afgeschaft en wordt de Senaat een niet-permanent orgaan met deelstaatsenatoren en gecoöpteerde senatoren dat jaarlijks acht maal plenair vergadert en heel wat bevoegdheden verliest. Het bureau wordt beperkt tot een voorzitter, twee ondervoorzitters en twee leden - de quaestuur verdwijnt - en fractievoorzitters die vertegenwoordigd zijn in de vaste commissies.
Het reglement dat vandaag groen licht kreeg geeft een beeld van wat er in de realiteit overblijft van de huidige Senaat, die reeds bij de hervorming van de jaren 90 heel wat van haar pluimen moest laten. Zo wordt het aantal vaste commissies van zes op vijf teruggebracht. Die commissies kunnen nog steeds werkgroepen oprichten. Mondelinge vragen, vragen om uitleg, actualiteitsdebatten, parlementaire onderzoekscommissies en de begeleidingscommissie van het comité I behoren tot het verleden, maar de senatoren krijgen wel een nieuw instrument, de informatieverslagen.
Het reglement bepaalt voorts dat evocatie voortaan enkel mogelijk is indien de helft van de senatoren dit vraagt, waarbij andermaal een derde van elke taalgroep de vraag moet ondersteunen. Net zoals in de Kamer wordt het mogelijk om gemeenschappelijke fracties te vormen, zoals de groenen dat vandaag reeds doen in de Kamer.
Daarnaast wordt de financiering van de fracties teruggeschroefd tot een kwart van het huidige bedrag en wordt het statuut van het politiek personeel gelijkgesteld met dat van de Kamer. Op kruissnelheid betekent dat een besparing van 11,5 miljoen euro op jaarbasis, zo luidt het. Zo hebben de senatoren geen recht meer op een halftijdse universitaire medewerker en hebben enkel de gecoöpteerde senatoren recht op een administratieve medewerker. Er wordt ook gesnoeid in de budgetten van het personeel van de commissie- en fractievoorzitters. De universitaire medewerkers voor de individuele senatoren vallen weg. Wel krijgt elke fractie één universitair medewerker per Senaat.
Volwaardige fracties (vanaf 3 leden) hebben nog recht op één fractiesecretaris, fracties van twee leden op een halftijdse fractiesecretaris. De gecoöpteerde senatoren krijgen een administratieve medewerker. Voorts wordt het statuut van het politiek personeel, inclusief de barema's, gelijkgesteld met dat van de Kamer.
De amendementen van N-VA en Vlaams Belang, onder meer om nog verder te snoeien in het bureau en de commissies, werden niet aanvaard.