Hoe krijg je scholieren aan het lezen?
Het leesniveau bij scholieren gaat al jaren achteruit. Minister van Onderwijs Zuhal Demir stak haar licht op bij de Scholierenkoepel. Volgens de leerlingen is tijd het grootste struikelblok. Ze hebben al te veel huiswerk, waardoor er amper nog ruimte is om te lezen voor het plezier. Ze willen ook meer creatieve opdrachten, en ja, dat kan volgens hen ook een TikTok maken zijn. Wat denk jij? Hoe breng je het leesplezier terug? Moet je blijven inzetten op de klassieke literatuurlijst? Of mogen jongeren volledig zelf kiezen wat ze lezen?Lees hieronder alvast wat de Scholierenkoepel en een gewezen taaldocent vinden.
Lieselore Wouters, voorzitter van de Scholierenkoepel:
“Boekopdrachten zijn al heel veel jaren hetzelfde. Wij zeggen niet: weg met de boekopdrachten, maar maak er iets creatiever van, of ga in dialoog met de leerlingen, maak het iets participatiever, zowel de leeslijsten als de opdrachten. Zodat leerlingen en leekrachten meer op één lijn kunnen komen. Ik denk bijvoorbeeld dat het heel nuttig kan zijn om leerlingen eens de opdracht te geven om zelf zo’n boekenlijst op te stellen met bijvoorbeeld vijf klassieke werken, een aantal hedendaagse werken en werken die te maken hebben met hun studierichting omdat je dan leerlingen heel actief aan de slag laat gaan met klassiekers en met dingen die ze leuk vinden. Ook al lezen ze niet per se die boeken, ze zijn er wel mee bezig. En als ze dan een boek van die lijst nemen, lijkt het ons heel logisch dat ze net iets meer gemotiveerd gaan zijn omdat ze die lijst zelf hebben samengesteld.
“Als we willen dat jongeren beter leren lezen, moeten we stoppen met hen te overtuigen met dwang. Leesplezier ontstaat wanneer jongeren zich herkennen in boeken, wanneer ze zelf mogen kiezen en wanneer lezen geen extra druk legt op een al overvolle schoolagenda.”
Guido Vanhee, gewezen taaldocent Hogeschool Vives:
“Er zijn van die momenten waarop je hart een vreugdesprongetje maakt. Zo’n moment beleefde ik onlangs, toen mijn veertienjarige kleindochter me vertelde dat ze de boeken van Ana Huang aan het verslinden is. In het Engels, nota bene. Why not? zei ze schouderophalend, met die vanzelfsprekendheid die alleen jongeren hebben. Ze leest — gretig, gloedvol, blozende kaken inbegrepen. Wat een feest!
Lezen is geen plicht, geen kunstje, geen schooltaak. Lezen is een geheim genot; een intieme ontmoeting tussen jou en een wereld die je nog niet kende. En dat laat zich moeilijk uitleggen. Want wat gebeurt er eigenlijk als je leest? Iets onzichtbaars. Iets dat zich tussen de regels nestelt en zich in je ziel vlijt. Het doet iets met je verbeelding, je gevoelsleven, je blik op de mensen — op jezelf.
Wat ik voel als ik mijn kleindochter zie lezen, is geen trots — het is iets diepers. Iets als dankbaarheid. Want lezen kun je een kind niet aanleren zoals je rekenen aanleert; het moet overgedragen worden, als een stille liefde. Door het voorbeeld. Door het zelf te doen, zichtbaar, dag na dag. Geen preek, geen les, maar een houding: een boek op schoot, een blik naar binnen, een rust die uitstraalt.
Er zijn zoveel voordelen van lezen dat het bijna banaal wordt om ze op te sommen. Ja, het verruimt je woordenschat. Ja, het scherpt je inlevingsvermogen. Ja, het ontwikkelt concentratie en kritische zin. Maar bovenal: het biedt troost. Verwondering. Stilte. Vertraging. En in deze overprikkelde tijd is dat misschien wel het grootste geschenk.
Mijn kleindochter leest niet omdat het moet, maar omdat het haar pakt. En ik weet: zolang er jongeren zijn die in bed liggen met een boek in de hand, komt het goed met de wereld.
Wil jij ook reageren op dit artikel? Leuk! We willen er graag een boeiend debat van maken. Onderbouw dus ook je mening in een paar lijnen.