Sp.a laat pensioenleeftijd van 65 jaar los
Om de effectieve, gemiddelde pensioneringsleeftijd dichter in de buurt van 65 jaar te brengen, zal een deel van de bevolking over 20 jaar iets langer moeten werken dan 65 jaar. Dat stelt sp.a-senator Frank Vandenbroucke in een opiniebijdrage in De Standaard. Concreet komt het erop neer dat wie dan nog geen 45 jaar heeft gewerkt, op zijn 65ste een lager pensioen krijgt dan wanneer hij doorwerkt tot zijn 67ste.
Vandenbroucke reageert op de Europese aanbevelingen van enkele dagen terug. De reacties getuigden volgens hem niet van durf en verbeelding, wat overigens ook geldt voor de Europese Commissie zelf. "Het lopende debat doet voortdurend een beroep op de 'durf' van de tegenstanders. Als we allemaal beginnen met zelf te durven, zouden we veel verder staan", luidt het.
Wat het pensioendebat betreft, breekt Vandenbroucke een lans voor een "flexibele pensioenleeftijd", in functie van de lengte van de loopbaan. "De levensverwachting boven de leeftijd van 65 gaat met rasse schreden vooruit. Een evenwicht op lange termijn in het pensioenstelsel is onmogelijk als de feitelijke en de wettelijke pensioenleeftijd zich daaraan niet geleidelijk aanpassen", aldus Vandenbroucke.
De senator bevestigt voorts dat de saneringsoefening voor de komende jaren bijzonder zwaar is. "In het verleden is overal bespaard. Als we de toekomst willen voorbereiden, is dat de foute optie. We zullen de komende jaren meer moeten uitgeven voor wetenschappelijk onderzoek, voor onderwijs, voor pensioenen, niet minder". Hij voegt er aan toe dat de basis waarop kan worden bespaard, smaller is dan vroeger, terwijl de oefening minstens even omvangrijk is. "Wie zegt dat dit pijnloos kan, dwaalt". (belga/jv)