Werkgroep buigt zich over lagere lonen topambtenaren
Een werkgroep zal zich buigen over het voorstel van minister van Overheidsbedrijven Paul Magnette om de verloning van overheidsmanagers te verminderen. Dat heeft het kernkabinet vanmiddag beslist. De minister werd ook gevraagd een vergelijking te maken over de situatie bij overheidsbedrijven die blootgesteld zijn aan concurrentie. Zo verklaarde vicepremier Vincent Van Quickenborne (Open Vld) na afloop van de ministerraad.
Magnette legde vandaag een voorstel op tafel over de beperking van het salaris en de uitkeringen van overheidsmanagers bij publieke bedrijven. De kernpunten zijn een maximaal brutosalaris van 200.000 euro, een bonus die niet hoger is dan 30 procent van het loon en een ontslagvergoeding van maximaal één jaarsalaris.
Van Quickenborne benadrukte het belang van soberheid, maar ook de nood aan realisme. De betrokken ondernemingen moeten in staat blijven mensen aan te werven en het kan ook niet dat personeelsleden onderaan de ladder meer verdienen dan de baas, luidde het. Het is voor de vicepremier ook van belang dat rekening wordt gehouden met overheidsbedrijven die blootgesteld zijn aan concurrentie. Die bemerking maakte cdH-vicepremier Joëlle Milquet al voor aanvang van het kernkabinet. Zo zou bijvoorbeeld het loon van de topman van Belgacom de helft bedragen dan dat van zijn collega bij concurrent Voo, terwijl Belgacom wel een pak groter is.
De vicepremier waarschuwde ervoor niet te vervallen in mooie principes die nefaste gevolgen met zich meebrengen op het terrein. Het resultaat zal niet zwart of wit zijn, maar ergens tussenin liggen, luidde het. De Open Vld'er benadrukte eveneens dat de tijd van excessen, gouden parachutes en superbonussen met belastingsgeld voorbij moet zijn.
Voorbeeld geven
Sp.a-voorzitter Bruno Tobback reageerde alvast bijzonder verheugd op het voorstel van Magnette. "Overheden moeten het voorbeeld geven in plaats van achter de markt aan te hollen", schreef hij in een mededeling. De politicus ziet er geen graten in dat tegenover een grote verantwoordelijkheid ook een hoge vergoeding staat. "Maar het is essentieel dat daaraan ook grenzen worden gesteld. Het is zeer positief dat minister Magnette die grenzen definieert in functie van de loonspanning binnen het bedrijf. Dat een manager die drie keer zo slim is en twee keer zo hard werkt als andere werknemers in het bedrijf ook meer verdient, is logisch. Maar drie keer zo slim en twee keer zo hard kan nooit vermenigvuldigd worden tot 30, 40 of 50 keer zoveel waard als iemand anders".
Tobback gelooft niet dat het aan deze voorwaarden onmogelijk zou zijn om goeie mensen aan te trekken. Op een moment dat exorbitante vergoedingen overal ter discussie staan, moeten de overheden voor sp.a zelf het voorbeeld geven in plaats van achter de markt aan te hollen. "De huidige situatie in de financiële sector is trouwens het schrijnende bewijs dat zelfs de meest absurde beloningen niet leiden tot het aantrekken van mensen die in staat of bereid zijn om hun verantwoordelijkheid tegenover de samenleving ernstig te nemen. En uiteindelijk is dat toch het allereerste criterium waaraan een overheidsmanager moet voldoen", aldus de sp.a-voorzitter.
Vanackere misnoegd over perslekken
Minister van Financiën Steven Vanackere toonde zich minder opgetogen, en dan vooral over de perslekken. "De krant is niet de beste manier om dingen op de agenda te plaatsen", verklaarde de CD&V'er.
Sabine Laruelle (MR) zei dan weer dat men al sinds januari op het voorstel aan het wachten is. Ze had echter ook vragen bij de timing en verwees naar de resolutie die de MR reeds had neergelegd. Daarin wordt de vergoeding van de premier als maatstaf gebruikt, terwijl Magnette vertrekt van die van de voorzitters van de federale overheidsdiensten (FOD's).