Autopsie wijst op gebruik saringas bij aanval Idlib
Turkije heeft nu ook concrete bewijzen dat er bij de aanval op het rebellenbolwerk in de Syrische provincie Idlib chemische wapens zijn gebruikt. Dat zegt de Turkse minister van Justitie die zich hiervoor baseert op de resultaten van het autopsierapport, bericht het staatspersagentschap Anadolu. Volgens het ministerie van Volksgezondheid gaat het om het zenuwgas sarin.
"De resultaten van de eerste analyses van de patiënten geven aan dat ze blootgesteld zijn aan een zenuwgas (sarin)", staat in een mededeling op de website van het ministerie. Bij de aanval met gifgas op Khan Shaykhun in Idlib, in het noordwesten van het land, zijn 86 mensen om het leven gekomen, meldde de aan het oppositie gelieerde Syrisch Observatorium voor de Mensenrechten. Onder de slachtoffers waren ook dertig kinderen, volgens de VN-kinderrechtenorganisatie Unicef minstens 27.
Van de 546 gewonden zijn er 31 in Turkije in het ziekenhuis opgenomen. Drie mensen die in Turkije verzorgd werden, zijn intussen overleden.
Het Turkse onderzoek heeft ook aangewezen dat het Syrische regime verantwoordelijk is voor de dodelijke aanval. Verschillende Westerse mogendheden wezen al met een beschuldigende vinger naar het regime van Bashar al-Assad. Volgens de Syrische bondgenoot Rusland had de Syrische luchtmacht het gemunt op een opslagplaats van de rebellen waar ze chemische wapens opsloegen.
De Amerikaanse president Donald Trump noemde de aanval op burgers "een belediging voor de mensheid door het Assad-regime die niet kan aanvaard worden".
Rusland laat Assad echter niet vallen. Tijdens een telefoongesprek met de Israëlische premier Benjamin Netanyahu heeft de Russische president Vladimir Poetin gezegd dat het "onaanvaardbaar" is dat er "ongefundeerde beschuldigingen tegen wie dan ook" worden geuit vooraleer er een onpartijdig, nauwgezet onderzoek is uitgevoerd.