Erdogan: "Olie belangrijker dan mensen voor anti-IS-coalitie"
De Turkse president Recep Tayyip Erdogan heeft de door de VS aangevoerde coalitie tegen de terreurorganisatie Islamitische Staat (IS) beticht van economische motieven. De door de Amerikanen geleide alliantie is pas opgetreden tegen de IS in Irak en Syrië toen de jihadisten oliebronnen bedreigden. Dat zei Erdogan volgens het gezagsgetrouwe Turkse persbureau Anadolu tijdens een werkbezoek aan Riga. "Hun bezorgdheid gaat niet zozeer uit naar de mensen, maar naar de olie".
Erdogan sprak vandaag voor studenten van de Letse universiteit in de hoofdstad Riga. Turkije staat internationaal zwaar onder druk om de IS harder aan te pakken.
Erdogan hekelde vandaag in Riga opnieuw de Amerikaanse wapenleveringen aan de Syrisch-Koerdische partij PYD, wier strijders Kobane tegen de IS verdedigen. De Verenigde Staten hadden de wapens tegen de uitdrukkelijke wil van Turkije gedropt, zei Erdogan. Met de wapenleveringen steunen de VS "een terreurorganisatie". Erdogan beschouwt de PYD net zoals de verboden Koerdische Arbeiderspartij PKK als dusdanig.
De Turkse regering heeft weliswaar alle rechtstreekse steun aan de PYD uitgesloten, maar ze heeft er toch mee ingestemd om Koerdische Peshmerga-strijders uit Noord-Irak over Turks grondgebied te laten passeren naar de Noord-Syrische stad Kobane. Erdogan zei dat voorlopig 200 Peshmerga-strijders Turkije zullen doorkruisen. Over dat aantal waren de PYD en de Koerdische autonome regering in Noord-Irak het eens geworden.