Kabila en Nkunda sturen hun kat naar vredesoverleg
Afgevaardigden van de Congolese regering en de rebellen van Laurent Nkunda zijn vandaag in Nairobi, in Kenia, begonnen aan door de Verenigde Naties bewerkstelligde vredesonderhandelingen. De rebellenleider zelf was niet aanwezig en ook president Joseph Kabila kwam niet opdagen. Een ontmoeting met Nkunda zou een legitimatie van de rebellen zijn, redeneerde hij.
De onderhandelingen moeten een einde maken aan het geweld in het oosten van Congo dat sinds augustus een kwart miljoen mensen op de vlucht heeft doen slaan. Daartoe moet een langdurig staakt-het-vuren overeengekomen worden evenals instemming met het leveren van hulp aan de getroffen regio, aldus speciaal gezant van de VN Olusegun Obasanjo.
Hutu's en Tutsi's
De gevechten in Oost-Congo zijn onderdeel van een al langer durend conflict dat begon toen Rwandese Hutu-strijders na de moord op een half miljoen Tutsi's in 1994 de wouden van Congo in vluchtten. De rebellen vechten om de Congolese minderheden te beschermen, met name etnische Tutsi's, zegt Nkunda. Zijn critici beweren dat de rebellenleider slechts geïnteresseerd is in de minerale rijkdom van het gebied.
Momenteel verblijven zeventienduizend vredessoldaten van de VN in Congo, de grootste VN-vredesmacht ter wereld. Deze troepen moeten worden uitgebreid met drieduizend nieuwe soldaten, maar het kan nog maanden duren voordat die werkelijk uitgezonden worden. De VN-vredessoldaten hebben de strijd tot dusverre niet tot bedaren weten te krijgen of burgers in het gebied kunnen beschermen. Ondertussen liet de VN-vluchtelingenorganisatie UNHCR weten dat sinds augustus dertigduizend Congolezen naar buurland Uganda zijn gevlucht.
"Dramatische humanitaire situatie"
In Brussel waren de lidstaten van de Europese Unie vandaag verdeeld over het sturen van een Europese vredesmacht naar Congo. Onze minister van Buitenlandse Zaken Karel de Gucht (Open Vld) drong er bij de lidstaten op aan vanwege de 'dramatische humanitaire situatie' in ieder geval een tijdelijke 'overbruggings-troepenmacht' te sturen.
Ons land is tot dusver de grootste voorstander van ingrijpen in Congo. Volgens De Gucht kan de EU een of twee eenheden sturen van de vijftienhonderd man sterke EU-elitemacht. Maar vooral Duitsland en Groot-Brittannië zijn tegen het sturen van Europese troepen, omdat die het al druk genoeg zouden hebben met vredesmissies in Afghanistan, Tsjaad en de Balkan.
Verwarring
De Britse minister van Buitenlandse Zaken David Miliband liet weten dat lidstaten die wel troepen willen sturen dat via de VN moeten doen en niet als onderdeel van een EU-missie. Twee verschillende troepenmachten in Congo leiden alleen maar tot verwarring, zei hij.
De Nederlandse minister van Buitenlandse Zaken Maxime Verhagen gaf toe geen soldaten te willen sturen, maar wil wel meebetalen aan het militair transport voor een EU-missie. Zijn Finse ambtgenoot Alexanders Stubb vond echter wel dat de EU over de middelen beschikt om bij te dragen aan de vredesmissie in Congo. "Als we ze (vredestroepen red.) niet naar Congo sturen, waar sturen we ze dan naar toe?" vroeg hij zich af. (novum/sps)