Kamermeisje belde huilend naar broer na 'seksaanval' DSK
Het kamermeisje van de Sofitel in New York belde een uur na de vermeende seksaanval door IMF-baas Dominique Strauss-Kahn naar haar broer. Hevig huilend vertelde ze hem dat iemand haar iets vreselijks had aangedaan en haar tot twee keer toe had proberen te verkrachten. Het slachtoffer verblijft op een veilige plaats die geheim moet blijven. Ondertussen meent de New York Post te weten dat DSK's advocaten 'consent' zullen pleiten. Volgens hen stemde het kamermeisje met Afrikaanse roots in met seks met de machtigste bankier van de wereld.
Een bron dichtbij het advocatenteam vertelt aan de New York Post dat de sporen die op de hotelkamer in het Sofitel in New York zijn gevonden, niet duiden op verzet van het kamermeisje. De verdediging zegt dat uit het beschikbare bewijs blijkt dat Strauss-Kahn ook toestemming van het meisje kan hebben gehad. "Het bewijs is volgens ons niet in overeenstemming zijn met een gewelddadige aanranding", zei Ben Brafman, de advocaat van IMF-topman Dominique Strauss-Kahn.
Ander verhaal
Het andere kamp in deze rechtszaak heeft een heel ander verhaal. Volgens de aangifte heeft Strauss-kahn geprobeerd orale en anale seks af te dwingen. Hij greep de borsten van het kamermeisje vast , trok haar panty naar beneden en betastte haar vaginaal. Met zijn geslachtsdeel maakte hij tot 2 keer toe gewelddadig contact met haar mond. Deze versie wordt ondersteund door de getuigenis van de broer van het slachtoffer. Die kreeg een uur na de seksaanval een telefoontje van zijn zus die helemaal overstuur was. Haar broer raadde haar aan meteen een advocaat in te schakelen.
Veilige plaats
"Iemand heeft me iets heel ergs aangedaan, ik ben aangevallen!", prevelde ze in tranen. Ze vertelde hoe haar aanvaller tot twee keer toe had geprobeerd haar te verkrachten, terwijl ze opgesloten was in de kamer. "Geen enkele familie zou dit moeten doorstaan", zegt de 43-jarige broer die om wettelijke redenen anoniem wil blijven aan The Daily Mail. Hij is een restauranthouder in Harlem (New York). "Zij is een hardwerkende immigrante uit West-Afrika. Ik hou van haar, ze is mijn kleine zusje. Nu ze de steun van een advocaat heeft, gaat het beter met haar, maar dit was echt een nachtmerrie voor haar. Ze verblijft op een veilige plaats die geheim moet blijven en dat zal zo blijven. Het belangrijkste is nu dat gerechtigheid moet geschieden." (kh)