"Nobelprijs onderstreept geloofwaardigheid Syrisch regime"
De Nobelprijs voor de Vrede, die vandaag werd uitgereikt aan de Organisatie voor het Verbod op Chemische Wapens, de OPCW, onderstreept de geloofwaardigheid van het Syrische regime. Dat zei Fayez Sayegh, parlementslid en lid van de Baath-partij van president Assad, vandaag tegen persbureau AP.
De OPCW is op dit moment bezig met de vernietiging van de chemische wapenvoorraad van het regime van Assad. Sayegh vindt dat de prijs deels ook afstraalt op het Syrisch regime vanwege de bereidwilligheid om mee te werken aan de vernietiging van de chemische wapens in het land. Syrië is, vindt hij, een "voorbeeld". Sayegh zei te hopen dat de OPCW in het hele Midden-Oosten aan het werk kan om chemische wapens te vernietigen, en dat de organisatie ook in de toekomst "meer Nobelprijzen zal winnen".
Tot medio 2014 heeft de OPCW een mandaat om de chemische wapens in Syrië op te ruimen. Volgens het hoofd van de missie in het land is er "bemoedigende vooruitgang" gemaakt op dat vlak. Het Nobelprijscomité benadrukte overigens dat de prijs niet naar de organisatie ging vanwege haar werk in Syrië, maar vanwege het vele werk dat de OPCW al heeft gedaan. Een lid van de oppositie in Syrië noemde de prijs "voorbarig".
"Voorbarig"
De toekenning van de Nobelprijs voor de Vrede aan de Organisatie voor het Verbod op Chemische Wapens (OPCW), is bij sommige Russische politici op onbegrip gestuit. De prijs werd voorbarig toegekend aan de OPCW, zo luidt de kritiek.
"De Nobelprijs voor de Vrede is verworden tot een voorschot: eerst voor (de Amerikaanse president Barack) Obama voor mooie woorden, maar geen daden, en nu voor de OPCW die pas met haar werkzaamheden in Syrië begonnen is", schrijft Aleksej Poesjkov, de voorzitter van het Russische parlementaire comité voor buitenlandse zaken, vandaag op Twitter.
De aanhangers van het Kremlin hadden de Russische president Vladimir Poetin voorgedragen als kandidaat voor de Nobelprijs voor de Vrede.
Kerry Looft keuze
De minister van Buitenlandse Zaken van de VS, John Kerry, heeft de keuze geprezen voor de Organisatie voor het Verbod op de Chemische Wapens (OPCW) omdat ze Syrië hielp zich te ontdoen van zijn chemisch wapenarsenaal.
"Vandaag heeft het Nobelcomité terecht hun moed en hun voornemen erkend om deze vitale missie uit te voeren temidden van een aanhoudende oorlog in Syrië", zei Kerry in een verklaring. In de nasleep van de veronderstelde aanval met chemische wapens op 21 augustus had Kerry gezegd dat de OPCW "buitengewone stappen heeft gezet en gewerkt heeft met een ongeziene snelheid om deze flagrante schending van de internationale normen aan de orde te stellen die het geweten van mensen in de hele wereld schokte".