Satelliet toont 950 granaatinslagen in Syrische stad Baba Amr
Satellietfoto's van de Syrische stad Homs tonen hoe de regeringstroepen daar een bloedbad hebben aangericht. Dat meldt Human Rights Watch. "De nieuwe beelden bewijzen dat grote delen zijn verwoest door de beschietingen, dat honderden mensen zijn gestorven en tallozen verwond", aldus de mensenrechtenorganisatie. De opnamen vanuit de lucht tonen 950 kraters van granaatinslagen in de wijk Baba Amr. De mensenrechtenorganisatie hekelt Rusland en China, die een VN-actie tegen het bloedbad blokkeerden.
Uit Homs komen intussen onbevestigde berichten over "gruwelijke executies". In de opstandige wijk Baba Amr, die gisteren in handen viel van het regeringsleger, zouden zeker zeventien mensen standrechtelijk zijn doodgeschoten. Zo klonk het vandaag bij de VN-afdeling voor mensenrechten. Volgens het Syrische Observatorium voor Mensenrechten, een belangrijke oppositiegroep, zijn vandaag zeker tien mensen doodgeschoten in Homs. Er zouden ook burgers zijn opgesloten in een winkelcentrum.
Onophoudelijk beschoten
Baba Amr was het hart van de opstand tegen de Syrische president Bashar al-Assad en zijn regime. De wijk was bijna een maand belegerd en werd vrijwel onophoudelijk beschoten. Honderden mensen zouden daarbij om het leven zijn gekomen. Elitetroepen zetten vorige woensdag de beslissende aanval in. Gisteren kregen ze de buurt onder controle en sloegen de rebellen op de vlucht.
Het Rode Kruis is vandaag met zeven vrachtwagens vol hulpgoederen naar Homs gereden. Het regime wil de organisatie echter niet toelaten tot Baba Amr. "Het is onaanvaardbaar dat mensen die al weken noodhulp nodig hebben, die nog steeds niet hebben gekregen", verklaarde de Zwitser Jakob Kellenberger, de president van de hulporganisatie. Het Rode Kruis heeft besloten om de hulpactie uit te stellen tot morgen. De hulpverleners zullen in Homs overnachten.
Gedode en gewonde journalisten
Het Rode Kruis slaagde er wel in de lijken van twee westerse journalisten te bergen. De Brits-Amerikaanse verslaggeefster Marie Colvin en de Franse fotograaf Rémi Ochlik kwamen vorige week om het leven toen een mediacentrum onder vuur werd genomen. Hun stoffelijke overschotten zijn overgebracht naar de Syrische hoofdstad Damascus. Drie andere journalisten wisten gisteren in het diepste geheim de grens met Libanon te bereiken. Twee van hen zijn vandaag teruggevlogen naar hun vaderland Frankrijk.
Vanwege de "schandalige onderdrukking" heeft Frankrijk besloten zijn ambassade in Syrië te sluiten. De Britse regering trok eerder al haar diplomaten uit Syrië terug, maar Londen verbreekt de banden met Damascus nog niet. De Europese Unie overweegt nieuwe sancties tegen het Syrische regime.