VN: "Syrische leger en IS schuldig aan oorlogsmisdaden"
Net als in Irak bezondigt de terreurgroep Islamitische Staat (IS) zich in Syrië in de gebieden die onder haar controle staan, aan oorlogsmisdaden en misdaden tegen de menselijkheid. Dat blijkt uit een rapport van de onderzoekscommissie voor Syrië van de Mensenrechtenraad van de Verenigde Naties. De beschuldigingen zijn niet min: openbare executies, amputaties en zweepslagen. Maar ook het regime van president Bashar al-Assad en andere gewapende groeperingen treden volgens het rapport gewetenloos op tegen de burgerbevolking.
De VN-onderzoekscommissie bevroeg tussen 20 januari en 15 juli 480 getuigen. Elke vrijdag zouden IS-milities in het noorden en noordoosten van Syrië de bevolking samendrijven en overgaan tot de genadeloze executie van vermoedelijke tegenstanders en andersgelovigen. De terreurgroep beroept zich op de sharia om ook ledematen af te hakken en zweepslagen toe te dienen. IS beoogt duidelijk een schrikeffect. Zelfs kinderen zouden gedwongen worden toe te kijken.
Chemische wapens
Maar ook de Syrische regeringstroepen krijgen nog eens een veeg uit de pan. Volgens de onderzoekers zijn er "redelijke motieven" om te geloven dat in april op een periode van tien dagen acht keer "chemische wapens, wellicht chloor, zijn gebruikt". Damascus zou woongebieden aanvallen met raketten en de bijzonder vernietigende bomvaten. Vrouwen en kinderen lijden daar het meest onder.
De VN-onderzoekers wijzen erop dat alle partijen in de Syrië-oorlog van hun broodheren in het buitenland grote hoeveelheden wapens en munitie krijgen. In het rapport staat nogmaals de eis om een internationaal wapenembargo tegen Syrië af te kondigen. De internationale gemeenschap heeft de plicht gruweldaden tegen burgers te verhinderen, maar blijft daarbij in gebreke, luidt het.