Te veel warenhuizen knoeien met prijzen
Warenhuizen die te laks omspringen met hun prijsaanduidingen worden beboet. Sommige riskeren zelfs gesloten te worden. Dat zegt de federale overheidsdienst (FOD) Economie vandaag in De Morgen. Er vallen geen namen.
Winkels doen meer hun best om prijzen op een correcte manier weer te geven. De inspanningen die ze doen om fouten terug te dringen, gaan echter niet ver genoeg. Tot die conclusie komt de FOD Economie na nieuw onderzoek. De overheidsdienst onderzocht in februari 2012 supermarkten, doe-het-zelfzaken en ketenwinkels.
Vooral grootwarenhuizen knoeien met prijsaanduidingen. Bijna 5 procent van de prijzen was daar fout. In totaal werden 9.204 producten in 94 supermarkten gecontroleerd. Bij 432 ervan werd een verschil vastgesteld tussen de prijs in de rekken en die aan de kassa.
Na een fikse waarschuwing aan het adres van de sector keerde de controledienst van de FOD Economie in november 2012 terug. "Na strengere controles bleek een duidelijke verbetering. Het aantal bedrijven dat volledig in orde is nam toe", zegt Chantal De Pauw van de FOD Economie, zonder precieze cijfers te geven. Toch zijn er nog te veel warenhuizen die met een te hoge foutenmarge blijven zitten.
Volgens De Pauw volgen er nu boetes. "Warenhuizen met een foutenmarge boven 1 procent krijgen een voorstel tot minnelijke schikking van 1.000 euro per overtreding", luidt het. Sommige warenhuizen riskeren zelfs hun deuren te moeten sluiten als hun foutenmarge boven de 10 procent ligt. Voor namen noemen, is het volgens de woordvoerster nog te vroeg. "Bijkomend onderzoek is nodig om tot conclusies te komen", zegt ze.
Volgens Ivo Mechels van Test-Aankoop zou het de eerste keer zijn dat een handelszaak de deuren moet sluiten voor een overtreding inzake prijsaanduidingen. De consumentenorganisatie bracht tien jaar geleden de gebrekkige prijsmarkeringen onder de aandacht. Sindsdien zijn er jaarlijkse controles van de FOD Economie zonder dat er veel verbetering is op het terrein.