13,6 miljoen Syriërs en Irakezen op de vlucht
Door de oorlogen in Syrië en Irak zijn zo'n 13,6 miljoen mensen op de vlucht geslagen. Velen hebben geen eten en onderdak terwijl de winter voor de deur staat, waarschuwde het Hoge Commissariaat voor de Vluchtelingen (HCR) gisteren. Volgens de VN-vluchtelingenorganisatie is de wereld murw geworden voor de ellende van vluchtelingen.
"Als we het hebben over een miljoen gevluchte burgers in 2 maanden, of over 500.000 mensen die van de ene op de andere dag geen onderdak meer hebben, reageert de wereld daar niet eens op", zei Amin Awad, de directeur van afdeling Midden-Oosten en Noord-Afrika. Hij riep met name Europese landen op om vluchtelingen op te nemen. Intussen gaan de bommencampagnes tegen de terreurmilities in beide landen voort. Ook die kosten handenvol geld, maar worden niet bekostigd door individuele donoren.
Voor hulp aan Syrië en Irak kampt het HCR met een gat van 58,5 miljoen dollar. Met dat geld zou, aldus Awad, bijna een miljoen wanhopige ontheemden warme kledij, dekens of mazout bezorgd kunnen worden. Tot dusver heeft het HCR al 154 miljoen dollar gespendeerd aan "winterhulp" voor Syrië en Irak.
Zo'n 7,2 miljoen Syriërs zijn in eigen land op de vlucht geslagen; veel meer dan de VN eerder dacht. Ongeveer 3,3 miljoen Syriërs zijn naar het buitenland gegaan, de meesten naar Libanon, Jordanië, Irak of Turkije.