350 Turkse politieagenten ontslagen na corruptieschandaal
De Turkse regering heeft nog eens 350 politieagenten uit hoofdstad Ankara uit hun funtie ontheven. Het gaat onder meer om verantwoordelijken die bevoegd waren voor de strijd tegen financiële misdrijven. Vannacht publiceerde de regering hierover een besluit. Dat schrijven Turkse media vandaag. Enkele weken terug werd het land dooreengeschud door een onderzoek naar corruptie bij enkele hooggeplaatste leden van de AKP, de partij van premier Recep Tayyip Erdogan.
Onder meer de hoofden van de afdelingen financiële misdaden, anti-smokkel en georganiseerde misdaad zijn ontslagen, aldus het persagentschap Dogan. De regering probeert zo opnieuw de impact van het corruptie-onderzoek te beperken.
Midden december, na de eerste aanhoudingen, waren al tientallen hooggeplaatste politieagenten, onder wie de politiechef van Istanboel, uit hun functie ontheven of overgeplaatst. De agenten werden ervan beschuldigd de regering niet geïnformeerd te hebben over het onderzoek dat naar diezelfde regering gevoerd werd.
Vervanging
Ter vervanging zijn al zo'n 250 nieuwe agenten aangesteld, die vooral van buiten de stad komen. Zij gaan vooral aan de slag bij de verkeerspolitie of op districtsbureaus.
Ook zijn tientallen mensen gearresteerd, onder wie de zonen van drie ministers. Die namen daarop ontslag. Premier Recep Tayyip Erdogan haalde de bezem door zijn kabinet en benoemde 10 nieuwe ministers.
Gülen
Algemeen wordt gedacht dat het onderzoek een gevolg is van een vete tussen Erdogan en zijn vroegere bondgenoot Fetullah Gülen. Die laatste is in de Verenigde Staten in ballingschap, en leidt van daaruit de invloedrijke Gülenbeweging.