Amper 14 en toch al soldaat
Trots poseren ze met een kalasjnikov die ze nauwelijks kunnen torsen. Amper 14 jaar oud zijn ze en toch vechten ze al in Syrië en Irak voor óf tegen de Islamitische Staat (IS). Een strijd die ze vaak bekopen met hun leven.
Hoeveel kindsoldaten in Syrië en Irak vechten, is niet bekend. Maar dat het er honderden zijn, blijkt uit verklaringen van onder meer IS-strijders tegenover Human Rights Watch. Zo kreeg Ahmed (20) samen met zo'n 200 andere rekruten een 15-daagse opleiding in een kamp nabij de Syrische stad Jarablus. Onder de rekruten zaten 13-, 14-jarigen en de meesten waren nog geen 18, stelt Ahmed.
Wissam (22) bevestigt zijn verhaal. Hij werd in hetzelfde kamp opgeleid en zegt er 12- en 13-jarigen te hebben gezien. Zo'n 60 procent van de rekruten is nog geen 18, schat hij.
Toen Raed zich bij het leger van IS aansloot was hij nauwelijks 16. Een impulsieve beslissing. "Toen de strijders van IS mijn dorp binnenmarcheerden, vond ik hun kleding erg mooi, het leek wel één grote kudde. En ze hadden veel wapens. Dus sprak ik ze aan en besloot toen naar hun opleidingskamp in Kafr Hamra in de Syrische provincie Aleppo te gaan."
Zijn leeftijd was geen enkel probleem. Raed: "De kampleider zei ons dat IS graag jonge rekruten heeft. Hij zei: 'Morgen zullen ze een sterkere leider of een betere strijder zijn."
100 dollar per maand
Niet alleen IS maakt gebruik van kindsoldaten, ook de andere strijdende partijen zijn er niet vies van, meldt Human Rights Watch. Kindsoldaten die zich bij brigades van het Vrije Syrische Leger aansluiten, doen dat vaak omdat familieleden betrokken zijn bij de strijd tegen president Al-Assad. Zoals Ahmed (14), die zijn familie in de vuurlinie voorziet van voedsel en wapens.
Toch zijn het vooral IS en de aan al-Qaeda gelinkte rebellenbeweging Jabhat al-Nusra die op agressieve wijze kinderen voor hun strijd werven, zegt Zama Coursen-Neff van Human Rights Watch. Vaak doen ze dat via sociale media en preken in moskeeën. Ook betaalt IS de kinderen 100 dollar per maand; volwassen strijders krijgen het dubbele.
Coursen-Neff roept alle partijen op publiekelijk te beloven geen gebruik meer te maken van kindsoldaten en bij het werven van rekruten de leeftijden te
Het lijkt een vergeefse oproep. Zo doet Abu Rida, een commandant van de Saif al-Masloolbrigade van het Vrije Syrische Leger, niet moeilijk over de leeftijd. "Als een jongen koppig is, mag hij in het kamp blijven. Maar 16 of 17 is niet jong meer. En als we zo'n jongen niet aannemen, gaat hij op eigen houtje vechten. Bovendien komen kinderen niet vooraan in de frontlinie, maar in de tweede of derde rij. Of ze verlenen eerste hulp of leveren ammunitie aan."
Houdt commandant Abu Rida zijn jonge strijders nog enigszins uit de vuurlinie, IS beschouwt zijn jeugdige militanten gewoon als kanonnenvoer. Zo vertelt een andere commandant van het Vrije Syrische Leger hoe ze na een gevecht het slagveld afstruinen om de gedode IS-strijders in ogenschouw te nemen. "En dan zien we veel kinderen."
Ook zegt hij na een gevecht met IS 30 kindsoldaten van 13 tot 15 jaar oud gevangen te hebben genomen. "Ze zaten in een opleidingskamp in Minbej in de Syrische provincie Aleppo. We hebben ze 2,5 maand vastgehouden en ondergebracht in een school op een afgelegen plek. Daar hebben we geprobeerd de hersenspoeling door IS ongedaan te maken."
Gevaarlijke klussen
Kinderen die IS niet naar het front stuurt, krijgen andere gevaarlijke klussen. Zo vertelt een arts in het Syrische gouvernement Raqqa hoe een jongen van hooguit 12 jaar onder begeleiding van een gewapende IS-strijder naar zijn kliniek kwam. Het kind was door een stuk metaal aan zijn hand verwond. "Zijn begeleider zei dat de jongen bewaker was in een IS-gevangenis. Het was zijn taak om de gedetineerden zweepslagen te geven."
Volgens de inmiddels 17-jarige Amr melden kinderen zich bij IS ook aan voor zelfmoordaanslagen. "Ze hebben een lijst met vrijwilligers. Ik heb me ook aangemeld, maar met tegenzin en pas heel laat, zodat er nog een paar 100 voor mij op de lijst staan." Tegenover Human Rights Watch bekent hij dat de sociale druk om zich als vrijwilliger te melden, groot was.