Assad beschuldigt Israël van steun aan rebellen in Syrië
Bashar al-Assad (foto) beschuldigt Israël van steun aan de rebellen in Syrië. De Syrische president doet dit in een interview met de Argentijnse krant Clarin en het Argentijnse persagentschap Telam. Hij ontkent voorts dat de regeringstroepen gesteund worden door strijders van de Libanese Hezbollah of door Iran.
"Israel geeft op twee manieren directe steun aan de terreurgroepen", zegt Assad, "zowel door logistieke steun aan die groepen als door hen instructies te bezorgen over welke posities zij moeten aanvallen".
Sinds het begin van dit jaar heeft Israël al driemaal bombardementen op Syrisch grondgebied uitgevoerd, met als officiële bedoeling een toevoer van wapens aan de anti-Israëlische Hezbollah te verhinderen.
Vrees
Door de recente Israëlische bombardementen en nieuwe Israëlische dreigementen groeit internationaal de vrees over een clash tussen Syrië en Israël. Sinds de Yom Kippoeroorlog van 1973 en de Israëlische annexatie van de Golanhoogten, is de spanning tussen Damascus en Tel Aviv nooit zo hoog geweest.
Volgens de Britse krant The Times is een eventueel vierde Israëlische bombardement voor Assad een rode lijn. De Syrische regering heeft haar meest geavanceerde grond-grondraketten van het type Tishreen gericht op Tel Aviv op 'stand by' gezet, aldus de krant. Anderzijds blijft Tel Aviv Damascus waarschuwen niet te reageren op Israëlische aanvallen "uit zelfverdediging" op Syrisch grondgebied. Een Syrische reactie "zou zware gevolgen hebben", luidt het.
Amerika
Israël kreeg vorige week CIA-baas John Brennan over de vloer voor een 'verrassingsbezoek'. Volgens sommigen had het bezoek tot doel een gemeenschappelijk optreden tegen Syrië af te spreken. Andere bronnen stellen dat Brennan naar Israël was afgezakt om de gemoederen te kalmeren na dagen van stoere, oorlogszuchtige taal.
Volgens de Times of Israel begint ook Rusland zich steeds meer te roeren. Zo zou Moskou twaalf oorlogsschepen hebben gestuurd om de wateren te patrouilleren nabij hun marinebasis in Tartus en om de "Russische belangen in de regio" te vrijwaren.