Bewoners van omstreden Israëlische kolonie aanvaarden verhuizing
De bewoners van de omstreden Israëlische kolonie Amona op de Westelijke Jordaanoever hebben ingestemd met het voorstel van de regering om te verhuizen. Zo vermijden ze dat premier Benjamin Netanyahu hen moest dwingen om de "wilde" nederzetting te verlaten.
Het hoogste gerechtshof in Jeruzalem had bevolen dat de op privaat Palestijns land gebouwde buitenpost Amona bij Ramallah tegen 25 december ontruimd moest worden. In de aanloop naar die deadline was de spanning in en rondom de kolonie te snijden. Er werd gevreesd voor confrontaties tussen de politie en de inwoners van de kolonie, die actief gesteund worden door jonge ultranationalisten.
Compromisvoorstel
Uiteindelijk stemden de inwoners met 45 tegen 29 stemmen voor een compromisvoorstel van de regering. Op Twitter liet de kolonie weten dat de beslissing niet gemakkelijk was.
De overheid engageert zich om ter compensatie 52 huizen en openbare gebouwen op te trekken op nabijgelegen gronden. Daarmee kon Netanyahu de politiek geladen situatie binnen zijn rechts-religieuze coalitie ontmijnen. Na afloop van de ministerraad verklaarde Netanyahu zijn "liefde" voor de Israëlische kolonies. "We hebben het maximale gedaan voor de inwoners van Amona", zei hij.
Nieuwe juridische strijd
Yesh Din, een Israëlische ngo die opkomt tegen de kolonies, stelde in een persmededeling dat één van de terreinen die de Israëlische regering op het oog heeft voor de inwoners van Amona eveneens toebehoort aan een private Palestijnse grondbezitter. De ngo voorspelt een nieuwe juridische strijd.