Bijna 10.000 kinderen op de vlucht uit Mosoel
Volgens kinderrechtenorganisatie Unicef zouden er sinds het begin van het offensief tegen terreurgroep Islamitische Staat al zowat 20.700 Irakezen gevlucht zijn uit Mosoel, onder wie 9.700 kinderen. De organisatie verwacht in de komende weken zowat 350.000 vluchtelingen te zullen moeten helpen.
Het Iraakse leger begon halverwege oktober met een offensief tegen terreurgroep Islamitische Staat in de Noord-Iraakse stad. Mosoel is de op één na grootste stad van het land, en het laatste overblijvende IS-bolwerk in Irak.
Noodopvangkamp
De kinderrechtenorganisatie tracht de gevluchte families naar eigen zeggen op te vangen in een noodopvangkamp en voorziet er psychologische en medische begeleiding voor de getroffen kinderen. Kinderen van 6 maanden tot 15 jaar krijgen daarnaast vaccins toegediend tegen polio en de mazelen. Dat gebeurt door medische teams van de Iraakse overheid, gesteund door Unicef.
De VN-organisatie benadrukt dat de getroffen families blijvende noodhulp nodig hebben. Unicef beschikt naar eigen zeggen slechts over voldoende water, douches en hygiënekits om 150.000 mensen te bevoorraden, terwijl de organisatie verwacht in de komende weken hulp te zullen moeten bieden aan meer dan 350.000 vluchtelingen.
"De situatie op het terrein verandert elke dag. We moeten flexibel blijven en onze acties aanpassen om de beste steun te kunnen bieden aan de kinderen en families die deze laatste jaren al te veel geleden hebben", zegt Pernille Ironside, verantwoordelijke voor de Unicef-operaties in Irak".