Britse premier stelt beslissing over kerncentrale uit
De Britse premier Theresa May zal volgende week geen contract ondertekenen om een nieuwe Britse kerncentrale te bouwen. Haar voorganger David Cameron wilde dat er in Hinkley Point, in Zuid-Engeland, een derde kerncentrale gebouwd werd. De nieuwe kerncentrale zou zeven procent van de Britse energie kunnen leveren ofwel 6 miljoen huishoudens van energie kunnen voorzien en zo de sluiting van de Britse koolmijncentrales in 2025 op kunnen vangen.
De bouw van de nieuwe kerncentrale was een van David Camerons paradepaardjes, maar zijn opvolgster Theresa May heeft vragen over de veiligheid van de nieuwe kerncentrale. Aangezien de Britten de kennis en expertise die nodig zijn voor de aanleg van een kerncentrale, niet meer in huis hebben, zou de bouw worden uitbesteed aan het Franse bedrijf EDF en worden gefinancierd door een Chinees staatsbedrijf.
De premier vreest nu dat het Chinese staatsbedrijf zo toegang krijgt tot de computersystemen waarmee het de Britse energieproductie stil kan leggen. Daarnaast vreest ze dat China zo te veel invloed krijgt op de Britse energiemarkt.
Brexit-tactiek
Mays aarzeling wordt ook geïnterpreteerd als een Brexit-tactiek, aangezien Groot-Brittannië een belangrijke groeimarkt is voor EDF. Het bedrijf heeft jaren getwijfeld over de risicovolle investering, maar Cameron wist de Fransen over de streep te trekken door hen 35 jaar lang een garantieprijs van 110 euro per megawattuur te bieden, wat erop neerkomt dat de Britten de Franse staatskas voor 36 miljard euro zouden spekken. Oostenrijk klaagde daarop over 'verkapte staatssteun', aangezien EDF voor tachtig procent in handen van de Franse staat is.
May wil het dossier herbekijken en zal in oktober een definitieve beslissing nemen.