Buitenlanders worden massaal weggehaald uit Libië
Nu het geweld in Libië hand over hand toeneemt, zet een waaier aan landen de grote middelen in om hun onderdanen te evacueren. Dat gebeurt met vliegtuigen, schepen en bussen. China heeft liefst 33.000 burgers die in Libië werken, maar ook Turkije (25.000) en India (18.000) hebben grote kolonies onderdanen die in het Noord-Afrikaanse land wonen.
De Turkse minister van Buitenlandse Zaken Ahmet Davutoglu spreekt over "de grootste reddingsactie in de geschiedenis" van zijn land. Ankara haalde de voorbije 72 uur bijna 5.000 van zijn staatsburgers terug uit Libië.
China
China heeft vier Griekse ferry's gecharterd om met name uit Benghazi, waar de luchthaven gebombardeerd is, zo'n 15.000 Chinezen te evacueren. Elke boot heeft een capaciteit van 1.200 tot 1.500 plaatsen. Bedoeling is dat de ferry's verschillen rotaties uitvoeren. De Chinezen zullen in principe naar Kreta gebracht worden, om vervolgens met het vliegtuig gerepatrieerd te worden.
De Chinese regering zet ook gecharterde vluchten in, en - indien nodig - zelfs vissersboten die in de buurt van Libië opereren, aldus Chinese media.
India
De naar schatting 18.000 Indiërs in Libië leven vooral in Tripoli en Benghazi. India is nog volop bezig met evacuatieplannen, maar een schip is wel al onderweg naar de Egyptische stad Alexandrië. De Indiërs moeten dan over de grens met Egypte gehaald worden. Ook de Indiase buitenlandminister spreekt over een "mammoetoperatie".
De Verenigde Staten, die geen toestemming hebben gekregen om met vliegtuigen te landen in Libië, hebben twee catamarans gehuurd die vanuit Malta vertrokken zijn om in Libië landgenoten op te pikken. (belga/gb)