Deze maand nog akkoord voor opleiden van gematigde Syrische rebellen
Turkije en de Verenigde Staten gaan deze maand nog een akkoord ondertekenen over het opleiden op Turks grondgebied van duizenden strijders van de "gematigde" Syrische oppositie. Dat heeft een functionaris van het Turkse ministerie van Buitenlandse Zaken gezegd op voorwaarde van anonimiteit. Met "gematigde rebellen" worden grosso modo alle tegenstanders van het regime in Damascus bedoeld die niet onmiddellijk in verband kunnen gebracht worden met de terreurbewegingen Islamitische Staat (IS) of al-Qaida.
Over het opleiden van strijders die Bashar al-Assad (uit-)eindelijk ten val moeten brengen, onderhandelen Ankara en Washington al een hele poos. Blijkbaar is het uitvoeren van dat programma een prioriteit geworden van de conservatief-islamitische regering van Recep Tayyip Erdogan.
Eind maart zou met de training van "gematigden" moeten beginnen. Jaarlijks moeten zo'n 5.000 "Syrische" strijders worden klaargestoomd, om over drie jaar over een rebellenleger van 15.000 manschappen te beschikken. De realiteit op het slagveld in de al drie jaar durende Syrische oorlog leert dat alle terreinwinst tot dusver is geboekt door "niet-gematigden", die vaak over Westers wapentuig beschikken dat hen, via die gematigden, in handen valt.
In de al twee maanden durende strijd om de grensstad Kobane, bestookt door IS-milities, weigert Ankara anderzijds de Koerden te hulp te schieten. Daar spelen andere prioriteiten: Erdogan en co beschouwen de Syrische Koerden als "broeders" van de PKK, de Arbeiderspartij van Koerdistan, die sinds 1984 tegen de Turkse staat ageert om autonomie te verkrijgen. Voor Ankara is de PKK een "terreurorganisatie". Onder buitenlandse druk gaf Turkije wel vrije doorgang aan de peshmerga, Iraakse Koerdenmilities, om in Kobane de belegerde Koerden te helpen.
Erdogan en co beschouwen de Syrische Koerden als "broeders" van de PKK, de Arbeiderspartij van Koerdistan, die sinds 1984 tegen de Turkse staat ageert om autonomie te verkrijgen