Eerste zoektocht met duikboot naar vlucht MH370 vruchteloos afgebroken
De eerste poging van een onbemande duikboot bij de zoektocht naar het vermiste toestel van Malaysia Airlines was een maat voor niets. De zee was te diep en een veiligheidsmechanisme stuurde het onderwatertuig na zes uur automatisch terug naar de oppervlakte. Dat deelde het coördinatiecentrum voor de zoektocht in Perth aan de Australische westkust mee. De Bluefin-21 heeft in de korte tijd niets geregistreerd wat op het wrak van het vliegtuig kan duiden. Dat meldden de Australische media onder aanhaling van de Amerikaanse marine, de eigenaar van de duikboot.
Vlucht MH370 was op 8 maart verdwenen. Van het toestel met 239 mensen aan boord ontbreekt sindsdien elk spoor. Vermoed wordt dat de Boeing 777-200 in de Indische Oceaan is neergestort, op ongeveer 2.200 kilometer ten noordwesten van Perth.
De Bluefin-21 kan slechts 4.500 meter diep duiken. De onderzoekers hadden er geen rekening mee gehouden dat het water op de vermoedelijke crashplaats dieper is. De bergingsspecialisten plannen een nieuwe poging. Ze willen de parameters van de duikboot justeren, opdat hij niet in grotere diepten 4.500 meter terechtkomt.
Eigenlijk zou het onbemande toestel de zeebodem bij elke poging 16 uur lang afspeuren. Hij zou ongeveer 35 meter boven de bodem glijden en data verzamelen, die dan na het opduiken worden gedownload en geanalyseerd. Het toestel kan bij elke poging 40 vierkante kilometer registreren. Het wrak ligt volgens analisten echter in een gebied van circa 2.000 vierkante kilometer.