Elf doden bij bomaanslag in Damascus
Bij een bomaanslag in de Syrische hoofdstad Damascus zijn 11 doden gevallen, onder wie kinderen, melden de staatstelevisie van het Arabische land en een mensenrechtengroep. Het incident gebeurde in de wijk Mazzeh, waar tal van ambassades en veiligheidsdiensten van het Assad-bewind zijn gevestigd. De bom ontplofte op een drukke plek, waar ook een dertigtal gewonden viel.
De wijk, gelegen op een heuveltop in de buurt van de snelweg naar Libanon, wordt voornamelijk bewoond door leden van de alawitische minderheid, waartoe president Bashar al-Assad behoort. Deze geloofsgemeenschap van de sjiitische islam domineert al sinds de jaren 60 het voornamelijk soennitische Syrië.
De islamitische rebelleneenheid Seif al-Sham eiste de verantwoordelijkheid op voor de aanslag, die was gericht op "een ontmoetingsplaats voor het leger en politie, maar ook milities die loyaal zijn aan Assad". De operatie was een reactie op de wilde acties van het regime, zei de groepering.