Inwoners Raqqa mogen huis niet uit na zware aanvallen Franse luchtmacht
De inwoners van Raqqa mogen zich vandaag maar zeer beperkt bewegen in Raqqa, de 'hoofdstad' van het kalifaat van Islamitische Staat. Dat meldt het Syrische observatorium voor de mensenrechten vandaag.
De restricties zijn een reactie op de luchtaanvallen door met name Franse gevechtstoestellen afgelopen nacht. Tien straaljagers gooiden twintig bommen op de stad die in handen is van de terreurgroep IS.
De bommen zouden onder meer terecht zijn gekomen op een commandocentrum, rekruteringscentrum, munitiedepot en een trainingskamp van IS. Dat meldt het Franse ministerie van Defensie.
Raqqa geldt als hoofdstad van het kalifaat van IS. De terreurgroep heeft de bloedige aanslagen van vrijdag in Parijs geclaimd. Frankrijk voert al sinds 2014 luchtaanvallen uit op IS-doelen in Irak, en sinds september van dit jaar ook in Syrië.
G20
Op een bijeenkomst van de G20 in Turkije beloofde president Obama dat ook de VS de strijd tegen IS zullen opvoeren. Obama overlegde een half uur met de Russische president Poetin.
Er werden geen mededelingen gedaan over de inhoud van het gesprek, maar Moskou ziet de aanslagen in Parijs als een bewijs dat Rusland gelijk heeft: de strijd tegen IS heeft de hoogste prioriteit. Daarom moet het Westen zijn bezwaren opzij zetten en samen met Rusland en het bewind van de Syrische president Assad tegen de terreurgroep optrekken.
Rusland begon eind september met luchtaanvallen om de druk op het Syrische bewind te verlichten. Volgens Moskou waren de bombardementen gericht tegen IS en Al Nusra, het filiaal van al-Qaida in Syrië, maar volgens het Westen ging het Moskou er in eerste instantie om Assad in het zadel te houden: vooral de gematigde rebellengroeperingen bleken het doelwit.
Moskou ziet de aanslagen in Parijs als een bewijs dat Rusland gelijk heeft: de strijd tegen IS heeft de hoogste prioriteit
Jihadi John
De VS hadden de campagne tegen IS al vóór de aanslagen in Parijs opgevoerd, onder meer met een drone-aanval op Jihadi John, de beruchte beul van IS. Amerikaanse gevechtsvliegtuigen effenden ook de weg voor het offensief van Koerdische en yezidi-strijders die afgelopen weekeinde de Iraakse stad Sinjar op IS heroverden. Als gevolg van het Koerdische offensief is de directe verbinding tussen het Syrische en het Iraakse deel van het door de IS uitgeroepen 'kalifaat' afgesneden.
Sinds eind vorige maand zijn de VS bovendien bezig met luchtaanvallen om de olievelden die IS in handen heeft in het gebied langs de grens met Irak uit te schakelen. Volgens het Amerikaanse ministerie van Defensie haalt IS per maand naar schatting 37 miljoen euro binnen met de verkoop van olie.