Janssen: "Revolver en kleren in kachel opgebrand"
Tijdens het overlopen van de technische vaststellingen van de feiten op Shana Appeltans en Kevin Paulus is gebleken dat die technische vaststellingen overeenkwamen met de verklaringen van Ronald Janssen. Openbaar aanklager Patrick Boyen kwam deze namiddag tot die conclusie samen met Serge Lenaerts van technische en wetenschappelijk labo van de federale politie in Hasselt.
Na de bekentenissen van de moorden op Shana en Kevin hebben de speurders met Janssen een rondgang in de auto gemaakt in de omgeving van Loksbergen. Ze verifieerden met hem of de bloedvlek op de Rozedelstraat op de plek lag waar hij Kevin had doodgeschoten. Dan duidde Janssen de rij in de appelboomgaard aan, waar hij naar eigen zeggen met Shana gevreeën had.
In de boomgaard waren er ondanks het sneeuwtapijt bandensporen te zien, waarvan de breedte klopte met de Opel Corsa van Kevin. Janssen had tegen Shana gezegd dat ze mocht gaan, als ze met hem zou vrijen. Hij had de wagen van Kevin Paulus boven op hem geparkeerd. Daarna schoot hij Shana dood, stak de lichamen in de auto en stak het voertuig in brand op de Rozedelstraat langs de E314.
Nadat hij de auto in brand gestoken, was hij nog teruggekeerd, maar het voertuig stond in lichterlaaie. "Ik heb nog wat rondgedwaald. Rond vier uur kwam ik thuis. Ik deed buiten aan de garage de kleren uit, die vol bloed hingen. Ik heb me gedoucht en de gebruikte revolver en kleren heb ik in de kachel opgebrand", aldus Janssen, die op het einde van dat verhoor bij de speurders eraan toevoegde dat in zijn hele leven impulsieve reacties zitten. (belga/adb)