Obama gaat nooit op pad zonder antispionagetent
Bij elke buitenlandse reis van Barack Obama pakt zijn staf een hoop bagage in. Van kleding en cadeautjes voor alle gastheren tot stapels geheime documenten. En een tent.
Het gaat om een veiligheidstent met halfdoorschijnende wanden en apparatuur die geluid maakt.
In suite
Leden van de Secret Service zetten de tent razendsnel op, niet buiten, maar in de kamer naast de presidentiële suite. Als Obama een topgeheim document moet lezen of een bijzonder gesprek moet voeren - met zijn staf of via de telefoon - duikt hij in de tent waarin alles wordt afgeschermd.
Ook in bevriende landen
De tent moet het andere geheime diensten onmogelijk maken om gesprekken af te luisteren of met minicamera's documenten in te zien. De Verenigde Staten, die met de praktijken van de NSA behoorlijk in de vuurlinie liggen, beseffen dat spionnen van andere landen niet voor hen willen onderdoen. Overal, ook bij een bezoek aan bevriende landen, wordt rekening gehouden met hotelkamers die vol zitten met spionageapparatuur. De tent moet Obama daartegen beschermen.
De tent dook voor het eerst op foto's van het Witte Huis op in 2011. Tijdens zijn reis door Latijns-Amerika was te zien dat Obama in de tent met zijn toenmalige minister van Buitenlandse Zaken, Hillary Clinton, overlegde, kort na het begin van het luchtoffensief in Libië. De tent stond in de suite van een hotel in Rio de Janeiro.
Soort telefooncel
De tent is verplichte kost voor Obama. Ook kabinetsleden, veiligheidsadviseurs en topdiplomaten gaan ermee op reis. Voor het tweede echelon is er een goedkopere variant, een soort telefooncel die in hun kamer kan worden gezet.
CIA-chef
George J. Tenet zou als eerste een veiligheidstent hebben gebruikt. Toen president Clinton zijn CIA-chef (1997-2004) als speciaal gezant naar het Midden-Oosten stuurde, ging de tent altijd mee in zijn bagage.