President van Letland moest als dokter naar Tsjernobyl
Valdis Zatlers was 25 jaar geleden één van de honderdduizenden mensen die naar Tsjernobyl gestuurd werden in de dagen en weken na de kernramp. Nu is de man president van Letland, maar de herinneringen aan die fatale 26 april 1986 zijn gebleven.
Letland was in 1986 nog onderdeel van de Sovjet-Unie, net als het getroffen land Oekraïne. Zatlers vertrok op 8 mei als dokter naar het rampgebied. Hij verbleef er gedurende 60 dagen. Mannen als Zatlers waren belangrijk voor het regime, want Moskou wou de ware aard van de ramp voor de rest van de wereld verbergen. Daarom haalde de overheid reddingswerkers uit grote delen van het toenmalige grondgebied van de Sovjet-Unie.
"Het was een 60 dagen durende cursus aan de universiteit, de belangrijkste universiteit waarvan ik ooit afstudeerde", zegt Zatlers aan AFP. "Onze taak was schoonmaken, binnen de zone van 30 kilometer rond de kerncentrale." Als medisch expert moest hij de veiligheid controleren. Zo moest hij afval verwijderen en mensen waarschuwen om geen besmet voedsel te eten.
"Surrealistisch"
Sinds de ramp hebben veel reddingswerkers gezondheidsproblemen met in het slechtste geval kanker. Zatlers is voorlopig gespaard gebleven. In 2008 werd hij verkozen tot president van Letland en besloot hij Tsjernobyl te bezoeken. "Het was haast surrealistisch. De kerncentrale bevond zich nog in dezelfde toestand als twee decennia eerder. Het gebied was verlaten en heeft nog zeker 300 jaar geen toekomst meer."
Toch is Zatlers één van de politici die nog steeds vertrouwen hebben in de nucleaire industrie. Ook de nieuwe kerncrisis in het Japanse Fukushima heeft de mening van de Letse president niet veranderd. In de Baltische staten staan minstens drie nieuwe kerncentrales op de agenda. Buurland Litouwen moest in 2009 een verouderde centrale sluiten en wil tegen 2020 een nieuwe centrale bouwen. Ook Wit-Rusland en Rusland hebben plannen om kerncentrales te openen. (gb)