Rusland voerde al bijna 700 luchtaanvallen uit in Syrië
De Russische luchtmacht heeft al bijna 700 luchtaanvallen uitgevoerd sinds het begin van zijn offensief tegen de rebellen in Syrië drie weken geleden. De afgelopen 24 uur voerde Rusland nog 49 aanvallen uit op de provincies Aleppo, Damascus, Idlib, Latakia en Hama, en vernielde wachtposten, bunkers en artillerie, aldus staatspersagentschap RIA Novosti.
Volgens Rusland werden doelwitten van IS en het al-Nusrafront, de tak van al-Qaida in Syrië, geraakt. Door de aanvallen sloegen honderden IS-strijders op de vlucht, aldus het leger.
Rusland is een van de trouwe bondgenoten van de Syrische overheid, die sinds 2011 strijdt tegen rebellengroepen. Veel van die groepen hebben banden met terroristische organisaties, andere, de "gematigden", worden gesteund door Westerse landen als de Verenigde Staten en de wahhabistische (fundamentalistisch-soennitische) Golfmonarchie Saoedi Arabië. Het Westen heeft kritiek op de Russische aanvallen, omdat die niet enkel gericht zouden zijn tegen IS en al-Qaida, maar ook tegen door het Westen gesteunde jihadisten.
Sinds het begin van het Syrische conflict kwamen volgens de Verenigde Naties al 250.000 mensen om het leven. De helft van de bevolking sloeg op de vlucht.