Stroom vluchtelingen bereikt kritiek punt aan Libische grens
Volgens de VN-vluchtelingenorganisatie Unhcr heeft de situatie aan de Libische grens met Tunesië een kritiek punt bereikt. Sinds 20 februari vluchtten 70.000 tot 75.000 mensen over deze grens om aan het geweld in Libië te ontsnappen.
Een zegsvrouw van de Unhcr meldde dat maandag 14.000 mensen de grens overstaken, het hoogste aantal op een dag tot dusver. Ze verwacht dat vandaag tussen de 10.000 en 15.000 mensen over de grens zullen komen. Het gaat voornamelijk om buitenlanders werkzaam in het Noord-Afrikaanse land. Toen de crisis uitbrak, werkten er circa 1,5 miljoen buitenlanders.
Aan de grens verblijven al tienduizenden mensen. De opvang van al deze mensen wordt steeds moeilijker. Het is van "cruciaal belang" dat ze snel doorreizen om een humanitaire crisis te vermijden, aldus de Unhcr. De hygiënische toestand is precair, evenals de watervoorziening. Er worden 1.500 tenten opgezet om 12.000 mensen onderdak te bieden. 's Nachts is het erg koud.
Aanvallen
Overigens verblijven aan de Libische kant van de grens al drie dagen een groot aantal mensen dat geen toegang krijgt tot Tunesië. Het gaat vooral om mensen uit landen van beneden de Sahara. De grens aan Tunesische kant wordt bewaakt door lokale vrijwilligers. De Unhcr onderhandelt met ze over de toelating van de groep. Gevluchte zwarte Afrikanen maken melding van aanvallen. Libische burgers zouden hen associëren met huurlingen in dienst van Kadhafi.
De situatie aan de grens met Egypte is een stuk beter. Daar passeerden sinds 19 februari ongeveer 69.000 mensen, van wie de meerderheid Egyptenaren. De meesten zijn al verder gereisd. Nog drieduizend mensen verblijven hier aan de grens wachtend op verder transport.
België
Sinds het begin van de protesten in Noord-Afrika is de uitstroom van migranten naar de Europese Unie vooralsnog eerder beperkt gebleven, zei staatssecretaris Melchior Wathelet vandaag dan weer in de Kamer. In België is er relatief gezien een stijging van Tunesiërs en Egyptenaren, maar in absolute cijfers blijven de resultaten laag.
De staatssecretaris merkte op dat, naast de aankomst van 5.000 Tunesische migranten op het Italiaanse eiland Lampedusa, er elders in Europa nog geen sprake is van een significante toename van migranten uit Noord-Afrika, sinds het begin van de omwentelingen.
Wat het aantal aanvragen in ons land betreft, ging het in 2010 om 20 asielaanvragen uit Tunesië, 29 uit Egypte en 287 uit Algerije. In januari 2011 waren dat er zes uit Tunesië, negen uit Egypte en 23 uit Algerije, terwijl het in februari tot halfweg die maand vijf aanvragen uit Tunesië, tien uit Egypte en negen uit Algerije betrof.
Geen overhaaste beslissingen
Wathelet wees erop dat voor mensen uit deze regio dezelfde regels gelden als voor andere migranten. Ook voor landen met traditioneel een groot aantal asielzoekers, bijvoorbeeld Irak of Iran, is geen noemenswaardige stijging merkbaar. "We mogen ons dus niet laten verleiden tot het nemen van overhaaste beslissingen", zei Wathelet.
Wel wordt de situatie in de regio op de voet opgevolgd, om zonodig snel te kunnen optreden. De staatssecretaris heeft zijn administratie gevraagd hem elke week op de hoogte te houden van het aantal asielaanvragen dat uitgaat van deze nationaliteiten. (anp/belga/sps)