Syrische oppositie voelt zich in steek gelaten door Obama
De oppositiestrijders in Syrië voelen zich in de steek gelaten door de Verenigde Staten. Sinds de Amerikaanse president Barack Obama het besluit heeft genomen het diplomatieke pad te willen bewandelen in de Syrische burgeroorlog in plaats van een gewapende aanval, is de oppositie in Syrië verdeeld geraakt.
Veel rebellen hadden na de verwoestende aanval met chemische wapens juist gehoopt op een door de VS geleide tegenaanval op het regeringsleger van president Bashar Assad. In plaats daarvan wordt nu gepoogd het land van zijn chemische wapens te ontdoen zonder het gebruik van geweld.
"We staan er nu weer alleen voor", zegt Mohammad Joud, een oppositiestrijder in de noordelijke stad Aleppo via Skype. "Dat heb ik altijd al geweten, maar door Obama's beschamende gedrag zijn anderen nu ook wakker geschud."
Volgens de rebellen, die al 2,5 jaar tegen Assad in gevecht zijn, beloven de Verenigde Staten allerlei hulp aan de rebellen, maar zijn ze hun beloften nooit nagekomen. In juni zei Obama nog toe de rebellen van extra wapens te voorzien, maar ook daaraan is nog altijd geen gevolg gegeven.