VN beschuldigt Syrische rebellen van misdaden tegen de mensheid
Voor de eerste keer hebben VN-onderzoekers de Syrische antiregeringsstrijders beschuldigd van misdaden tegen de mensheid. Het in Genève gebaseerde VN-onderzoekscomité voor Syrië had tot op heden enkel de overheid van dergelijke misdaden beschuldigd.
In een nieuw rapport zei de onderzoekscommissie dat verschillende islamistische groepen systematisch burgers hebben opgesloten en gemarteld. Ook blijven regeringstroepen en geallieerde milities systematisch moorden, martelingen en verkrachtingen plegen en doen ze mensen verdwijnen, klonk het. De rebellen pleegden misdaden tegen de mensheid in de provincie al-Raqqa, waar etnische Koerden werden opgesloten en gemarteld.
De commissie, die niet in Syrië mocht, wordt geleid door de Braziliaanse mensenrechtenexpert en diplomaat Paulo Sergio Pinheiro. Volgens de commissie, gebaseerd op interviews en andere bronnen, hebben onder meer de jihadgroep ISIL (Islamitische Staat van Irak en de Levant/Groot-Syrië), het aan Al Qaida-gelieerde al-Nusra Front en het islamistische Ahrar al-Sham detentie- en martelcentra.
De commissie onderstreepte ook nog dat meer dan 250.000 mensen voortdurend worden blootgesteld aan bombardementen en aanvallen met zware wapens. Bovendien ontzeggen de strijdende partijen hen humanitaire hulp, voeding en medische verzorging, klinkt het nog. De getroffenen hebben volgens de commissie de keuze tussen "capitulatie of hongersdood".