China belooft einde verplichte dierenproeven voor cosmetica
China wil vanaf juni zijn regelgeving rond dierenproeven in de cosmetica-industrie versoepelen. Hoewel proeven op dieren in de meeste landen toegelaten zijn, waren ze alleen in China verplicht voor bepaalde cosmetica.
De voorbije twee jaar vroegen niet alleen dierenrechtenorganisaties om een aangepaste regelgeving in China. Ook consumentenverenigingen en de cosmetica-industrie zelf voerden campagne om de verplichte tests op dieren af te voeren.
Ondanks de grote steun voor die campagne verbaast David Neal van actiegroep Animal Asia zich erover dat de Chinese overheid zo snel lijkt in te binden. "Een bijzonder belangrijke ontwikkeling", noemt hij het, na een jaar waarin de Europese Unie een compleet verbod op dierenproeven in de cosmetica invoerde.
Enorme afzetmarkt
Het Chinese voornemen is een opsteker voor producenten die cosmetica aanbieden waarbij geen dierenleed te pas kwam. Tot op heden hebben die wegens de verplichtingen geen toegang tot de Chinese cosmeticamarkt, die jaarlijks goed is voor een omzet van zo'n 22 miljard dollar, of 16 miljard euro.
Bepaalde ondernemingen nemen dan maar vaak een loopje met de waarheid om een Chinees graantje mee te pikken: in het Westen verkondigen ze dat ze niet of 'alleen in hoogstnoodzakelijke gevallen' op dieren testen, terwijl ze de proeven toch uitvoeren om de Chinezen ter wille te zijn. Een soepeler China zou bij zulke bedrijven tot meer transparantie kunnen leiden.
Voornemen of echte maatregel?
Vraag is nu of China in juni wel degelijk de daad bij het woord zal voegen: sceptici halen graag het voorbeeld aan van het Verenigd Koninkrijk, dat in 2010 al een totaalverbod op dierenproeven voor schoonmaakproducten aankondigde. Maar dat is nog steeds niet van kracht.